Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Deuteronomium 32:49

‘Ga het Abarimgebergte in en beklim de Nebo, die in Moab ligt, tegenover Jericho. Daar kun je uitkijken over Kanaän, het land dat ik de Israëlieten in bezit ga geven.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Numeri 27:12

De HEER zei tegen Mozes: 'Beklim het Abarimgebergte, zodat je kunt uitkijken over het land dat ik de Israëlieten geef.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Jozua 19:47

Maar de Danieten verloren hun gebied. Ze ondernamen daarom een veldtocht naar Lesem, namen die stad in en doodden iedereen die er woonde. Ze namen Lesem in bezit, vestigden zich in die stad en noemden haar Dan, naar hun stamvader.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Openbaring 21:10

Ik raakte in vervoering, en hij nam mij mee naar een heel hoge berg en liet me de heilige stad Jeruzalem zien, die uit de hemel neerdaalde, bij God vandaan.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Numeri 33:47

Nadat ze Almon-Diblataïm verlaten hadden, sloegen ze hun kamp op in het Abarimgebergte, bij de Nebo.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Genesis 14:14

Toen Abram hoorde dat zijn neef gevangengenomen was, bracht hij allen op de been die in zijn huis opgegroeid waren en met de wapens konden omgaan-driehonderdachttien in getal-en achtervolgde Kedorlaomer en diens bondgenoten tot aan Dan.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Deuteronomium 34:4

De HEER zei tegen hem: ‘Dit is het land waarvan ik aan Abraham, Isaak en Jakob onder ede heb beloofd dat ik het aan hun nakomelingen zou geven. Ik laat het je nu zien, maar erheen oversteken zul je niet.’
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Richteren 18:29

Ze noemden hun stad Dan, naar hun stamvader, een van de zonen van Israël; daarvoor heette die stad Laïs.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Deuteronomium 3:27

Beklim de Pisga en kijk vanaf de top uit naar het westen, het noorden, het oosten en het zuiden. Kijk goed om je heen, want je zult de Jordaan niet oversteken.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Deuteronomium 32:52

Alleen van een afstand zul je het land zien dat ik hun zal geven, je zult het niet binnengaan.’
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Numeri 32:33

Daarop gaf Mozes aan de Gadieten en de Rubenieten en aan de helft van de stam Manasse, de zoon van Jozef, het rijk van koning Sichon van de Amorieten en het rijk van koning Og van Basan-alle steden binnen de landsgrenzen en al het gebied rondom die steden.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Ezechiel 40:2

In een goddelijk visioen bracht hij mij naar Israël en zette hij me neer op een heel hoge berg. Aan de zuidkant was iets gebouwd dat op een stad leek.
Gerelateerd aan Deuteronomium 34:1

Numeri 21:20

en van Bamot naar de vallei in Moab, en vervolgens verder naar de Pisga. Vanaf de top van die berg kijkt men uit over de Jesimon.