Deuteronomium 33:12

NBV

12Over Benjamin zei hij: ‘De HEER laat zijn lieveling bij zich schuilen. Zijn kind omarmt hem van vroeg tot laat, het nestelt zich veilig op zijn rug.’

SV

12En van Benjamin zeide hij: De beminde des HEEREN, hij zal zeker bij Hem wonen. Hij zal hem den gansen dag overdekken, en tussen Zijn schouders zal hij wonen!

KJV

12And of Benjamin he said, The beloved of the LORD shall dwell in safety by him; and the LORD shall cover him all the day long, and he shall dwell between his shoulders.