Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Ezechiel 43:27
En wanneer die dagen voorbij zijn, kunnen de priesters vanaf de achtste dag op het altaar jullie brandoffers en vredeoffers opdragen, en dat zal mij met vreugde vervullen-spreekt God, de HEER.'
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Ezechiel 20:40
Want alleen op mijn heilige berg, op de verheven berg van Israël-spreekt God, de HEER -mag het volk van Israël mij dienen, iedereen, uit het hele land. Daar zal jullie gedrag mij met vreugde vervullen. De kostbaarste offers, het beste wat jullie te geven hebben, moet aan mij worden gewijd.
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
2 Samuel 24:23
Dit alles schenk ik u, mijn heer.' En hij voegde eraan toe: 'Moge de HEER, uw God, u goedgezind zijn.'
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Jesaja 29:21
wie een ander valse beweringen ontlokt, wie de rechters in de poort wil verstrikken, wie het recht van de rechtvaardige schendt met loze beweringen.
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Jeremia 15:10
‘Wee mij! Ach moeder, dat u mij moest baren! Ik wek overal ergernis, iedereen bestrijdt mij. Ik ben niemands schuldeiser, en heb zelf geen schulden, toch word ik door iedereen vervloekt.
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Psalmen 20:3
(20:4) Moge hij al uw gaven gedenken, uw brandoffers welwillend aanvaarden, sela
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Numeri 18:8
De HEER zei verder tegen Aäron: 'Hierbij vertrouw ik de geschenken die mij gebracht worden aan jou toe. Alle heilige gaven die de Israëlieten mij brengen, geef ik aan jou en je zonen. Ze zijn voor jullie bestemd, jullie hebben daar voor altijd recht op.
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
1 Thessalonicensen 4:8
Dus wie deze voorschriften verwerpt, verwerpt niet een mens, maar God, die u zijn heilige Geest geeft.
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Lukas 10:16
Wie naar jullie luistert, luistert naar mij, en wie jullie afwijst, wijst mij af. En wie mij afwijst, wijst hem af die mij gezonden heeft.’
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Numeri 35:2
'Geef de Israëlieten opdracht om van het gebied dat ze als eigendom ontvangen een aantal steden af te staan aan de Levieten, zodat die daarin kunnen wonen. Ook de weidegronden rond die steden moeten jullie aan de Levieten geven.
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Mattheüs 10:14
En als ze je niet willen ontvangen noch naar je woorden willen luisteren, verlaat dan dat huis of die stad en schud het stof van je voeten.
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Amos 5:10
Jullie verachten hen die in de poort het recht verdedigen, jullie verafschuwen hen die de waarheid spreken.
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Maleachi 1:8
Als jullie met een blind offerdier aankomen, zeggen jullie: 'Wat geeft dat nu?' En ook als jullie met een kreupel of ziek dier aankomen, zeggen jullie: 'Dat geeft toch niets?' Bied de gouverneur zo'n dier maar eens aan en zie of hij er tevreden mee is en jullie goedgezind zal blijven-zegt de HEER van de hemelse machten.
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Lukas 10:10
Maar als jullie een stad binnengaan waar je niet welkom bent, trek dan door de straten en zeg:
Gerelateerd aan Deuteronomium 33:11
Deuteronomium 18:1
De Levitische priesters, ofwel de hele stam Levi, zullen geen eigen grond bezitten zoals de andere Israëlieten. Zij mogen de offergaven eten die de HEER toekomen,