Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Deuteronomium 16:19
U mag de rechtsgang niet beïnvloeden en niet partijdig zijn. U mag geen steekpenningen aannemen, want steekpenningen maken het oog van de wijze blind en de stem van de rechtvaardige vals.
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Deuteronomium 27:19
“Vervloekt is eenieder die de rechten van vreemdelingen, weduwen en wezen schendt.” Dan antwoordt heel het volk: “Amen.”
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Exodus 23:6
Bij een rechtszaak moet je de rechten van de armen eerbiedigen.
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Exodus 22:21
(22:20) Vreemdelingen mag je niet uitbuiten of onderdrukken, want jullie zijn zelf vreemdelingen geweest in Egypte.
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Micha 7:3
Ze bekwamen zich in het kwaad: alleen voor geld stellen leiders een onderzoek in, rechters spreken recht tegen betaling, hooggeplaatsten zeggen wat hun het beste uitkomt, en zo houden zij het recht op afstand.
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Exodus 23:9
Vreemdelingen mag je niet uitbuiten. Jullie weten immers hoe het voelt om vreemdeling te zijn, omdat jullie zelf vreemdelingen zijn geweest in Egypte.
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Job 29:11
Ieder die mij hoorde prees mijn woorden, ieder die mij zag had niets dan lof,
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Jesaja 1:23
Je vorsten zijn schurken, ze houden het met dieven, ze denken alleen aan geschenken en steekpenningen. Wezen bieden ze geen bescherming, het lot van weduwen laat hen koud.
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Jeremia 5:28
Ze zijn vadsig en vet en slechter dan slecht. Ze staan het recht in de weg, wat wezen toekomt laat hun koud, de belangen van de armen dienen ze niet.
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Exodus 23:2
Laat je er niet door de meerderheid toe overhalen iets onrechtvaardigs te doen, en als je in een rechtszaak getuigt, verdraai het recht dan niet door je naar de meerderheid te richten.
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Deuteronomium 1:17
Oordeel zonder aanzien des persoons, hoor de arme evengoed als de rijke. Laat u door niemand bang maken, want u spreekt recht namens God. Wanneer iets u te moeilijk is, leg het dan aan mij voor en ik zal me erover buigen.’
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Psalmen 82:1
Een psalm van Asaf. God staat op in de hemelse raad, hij spreekt recht in de kring van de goden:
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Amos 5:7
Want jullie veranderen het recht in alsem en vertrappen de gerechtigheid.
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Spreuken 31:5
Hij mag niet drinken en zijn plicht vergeten, de rechten van verschoppelingen schenden.
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Ezechiel 22:29
Het volk gaf zich over aan uitbuiting en diefstal, het onderdrukte de machtelozen en de armen, het buitte de vreemdelingen uit en deed hun geen recht.
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Jakobus 2:6
Maar u behandelt arme mensen met minachting. Zijn het dan niet de rijken die u onderdrukken en u voor de rechter slepen?
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Jesaja 33:15
Wie rechtvaardig leeft en de waarheid spreekt, wie woekerwinst door afpersing weigert, wie aangeboden steekpenningen afwijst, wie niet wil toehoren als een moord wordt beraamd, wie niet kan aanzien hoe het kwaad geschiedt-
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Lukas 3:14
Ook soldaten kwamen hem vragen: ‘En wij, wat moeten wij doen?’ Tegen hen zei hij: ‘Jullie mogen niemand afpersen en je ook niet laten omkopen, neem genoegen met je soldij.’
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Micha 2:1
Wee hun die kwaad in de zin hebben en op hun bed boze plannen smeden. Al in het ochtendgloren brengen ze die ten uitvoer, dat ligt in hun macht.
Gerelateerd aan Deuteronomium 24:17
Maleachi 3:5
Ik zal naar jullie toe komen om recht te spreken, en ik zal niet aarzelen te getuigen tegen tovenaars en echtbrekers, tegen mensen die meineed plegen en mensen die hun dagloners uitbuiten, en tegen allen die weduwen en wezen onderdrukken en vreemdelingen geen plaats gunnen, want geen van allen hebben zij ontzag voor mij-zegt de HEER van de hemelse machten.
1
2