Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

1 Samuel 15:3

Trek daarom op tegen de Amalekieten en versla ze. Wijd al hun bezittingen onvoorwaardelijk aan de HEER. Spaar ze niet, maar dood alles en iedereen: mannen en vrouwen, kinderen en zuigelingen, runderen en schapen, kamelen en ezels.'
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

Deuteronomium 7:2

Wanneer de HEER, uw God, u de overwinning op hen schenkt, moet u hen doden. U mag geen vredesverdrag met hen sluiten en hen niet sparen.
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

Deuteronomium 3:6

We doodden alle inwoners, zoals we eerder hadden gedaan bij Sichon, de koning van Chesbon. In elke stad doodden we de mannen, vrouwen en kinderen.
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

Numeri 21:2

Toen deden de Israëlieten de HEER deze gelofte: 'Als u dit volk aan ons uitlevert, zullen wij hun steden volledig vernietigen.'
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

Jozua 7:11

Israël heeft gezondigd. Ze hebben het gewaagd de regels van het verbond te overtreden die ik hun gegeven heb. Ze hebben zich vergrepen aan de goederen waarop mijn ban rustte. Ze hebben die gestolen, en dat ook nog eens proberen te verdoezelen door ze tussen hun eigen bezittingen te verbergen.
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

Leviticus 27:28

Wanneer iemand iets uit zijn bezit onvoorwaardelijk aan de HEER heeft gewijd, of het nu slaven, vee of grond betreft, rust er een ban op. Het kan dan niet worden verpand en de gelofte kan niet worden afgekocht. Alles wat onvoorwaardelijk aan de HEER is gewijd, is allerheiligst.
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

Deuteronomium 7:26

Geef die gruwelijke beelden geen plaats in uw huizen, anders wordt u net als zij aan de vernietiging prijsgegeven. U moet er een diepe afschuw, een hartgrondige afkeer van hebben; de ban van de HEER rust erop.
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

Jozua 8:25

Er stierven op die dag twaalfduizend mannen en vrouwen uit Ai,
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

Jozua 9:24

De Chiwwieten antwoordden Jozua: 'We hoorden steeds weer dat de HEER, uw God, zijn dienaar Mozes had opgedragen het hele land tot uw bezit te maken en alle inwoners uit te roeien. We werden doodsbang voor u. Daarom hebben we het gedaan.
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

Jozua 11:14

Van deze steden maakten ze de goederen en het vee voor zichzelf buit, ze doodden echter alle mensen. Ze roeiden de inwoners zonder uitzondering uit.
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

1 Samuel 15:8

Hun koning Agag nam hij levend gevangen, maar de rest van het volk doodde hij.
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:34

Deuteronomium 20:16

Maar daarbinnen, in de steden van het land dat de HEER, uw God, u als grondgebied zal geven, mag u geen mens in leven laten.