Gerelateerd aan Deuteronomium 2:19
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:19
Deuteronomium 2:9
Toen zei de HEER tegen mij: ‘Je mag de Moabieten niet vijandig bejegenen en hen niet uitdagen, want ik geef je van hun land niets in bezit; ik heb Ar immers aan de nakomelingen van Lot in eigendom gegeven.’
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:19
Deuteronomium 2:5
en hen niet uitdagen. Ik geef jullie nog niet het kleinste stukje van hun land; het Seïrgebergte heb ik immers aan Esau in eigendom gegeven.
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:19
Genesis 19:36
Zo werden Lots beide dochters zwanger van hun vader.
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:19
2 Kronieken 20:10
Nu worden wij aangevallen door de bewoners van Ammon, Moab en het Seïrgebergte, de gebieden waar de Israëlieten tijdens hun uittocht uit Egypte van u niet doorheen mochten trekken, en die zij daarom voorbijgetrokken zijn en niet hebben vernietigd.
Gerelateerd aan Deuteronomium 2:19
Richteren 11:13
De koning van Ammon antwoordde de afgezanten van Jefta: 'Dat weet u heel goed! Israël heeft, toen het uit Egypte wegtrok, land van mij in bezit genomen: het hele gebied vanaf de Arnon tot aan de Jabbok en de Jordaan. Ik raad u aan mij dat nu zonder slag of stoot terug te geven.'