SV
6Voorts wanneer een Leviet zal komen uit een uwer poorten, uit gans Israel, alwaar hij woont, en hij komt naar alle begeerte zijner ziel, tot de plaats, die de HEERE zal hebben verkoren;
7En hij dienen zal in den Naam des HEEREN, zijns Gods, als al zijn broederen, de Levieten, die aldaar voor het aangezicht des HEEREN staan;
8Zo zullen zij een gelijk deel eten, boven zijn verkoping bij de vaderen.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637