Gerelateerd aan Deuteronomium 1:8

Gerelateerd aan Deuteronomium 1:8

Genesis 12:7

Maar de HEER verscheen aan Abram en zei: ‘Ik zal dit land aan jouw nakomelingen geven.’ Toen bouwde Abram op die plaats een altaar voor de HEER, die aan hem verschenen was.
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:8

Genesis 17:7

Ik sluit een verbond met jou en met je nakomelingen, met alle komende generaties, een eeuwigdurend verbond: ik zal jouw God zijn en die van je nakomelingen.
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:8

Genesis 15:18

Die dag sloot de HEER een verbond met Abram. ‘Dit land, ‘zei hij, ‘geef ik aan jouw nakomelingen, van de rivier van Egypte tot aan de grote rivier, de Eufraat:
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:8

Genesis 26:3

Blijf voorlopig in dit land, ik zal je ter zijde staan en je zegenen: ik zal dit hele gebied aan jou en je nakomelingen geven en zo de eed gestand doen die ik je vader Abraham heb gezworen.
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:8

Genesis 28:13

Ook zag hij de HEER bij zich staan, die zei: ‘Ik ben de HEER, de God van je voorvader Abraham en de God van Isaak. Het land waarop je nu ligt te slapen zal ik aan jou en je nakomelingen geven.
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:8

Genesis 13:14

Nadat Lot was weggegaan, zei de HEER tegen Abram: ‘Kijk eens goed om je heen, kijk vanaf de plaats waar je nu staat naar het noorden, het zuiden, het oosten en het westen.
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:8

Genesis 15:16

Pas de vierde generatie zal hierheen terugkeren, want pas dan hebben de Amorieten zo veel misdaden bedreven dat de maat vol is.’
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:8

Genesis 22:16

Hij zei: ‘Ik zweer bij mijzelf-spreekt de HEER: Omdat je dit hebt gedaan, omdat je mij je zoon, je enige, niet hebt onthouden,