Gerelateerd aan 2 Samuel 2:8

Gerelateerd aan 2 Samuel 2:8

1 Samuel 14:50

Sauls vrouw was Achinoam, de dochter van Achimaäs. Zijn opperbevelhebber was zijn neef Abner, de zoon van Ner.
Gerelateerd aan 2 Samuel 2:8

Genesis 32:2

(32:3) ‘Een leger van God!’ riep Jakob uit toen hij hen zag, en hij noemde die plaats Machanaïm.
Gerelateerd aan 2 Samuel 2:8

2 Samuel 4:5

Rechab en Baäna, de zonen van de Beërotiet Rimmon, gingen op weg en kwamen op het heetst van de dag bij het huis van Isboset, die juist zijn middagrust hield.
Gerelateerd aan 2 Samuel 2:8

2 Samuel 3:7

Saul had een bijvrouw gehad, een zekere Rispa, de dochter van Ajja. Isboset vroeg aan Abner: 'Waarom hebt u bezit genomen van de bijvrouw van mijn vader?'
Gerelateerd aan 2 Samuel 2:8

1 Kronieken 8:33

Ner verwekte Kis, Kis verwekte Saul, Saul verwekte Jonatan, Malkisua, Abinadab en Esbaäl.
Gerelateerd aan 2 Samuel 2:8

1 Samuel 26:14

Daarvandaan begon hij de soldaten en Abner, de zoon van Ner, toe te schreeuwen. 'Geef je nog antwoord, Abner!' riep hij. Abner antwoordde: 'Wie ben jij wel, dat je de koning durft te roepen?'
Gerelateerd aan 2 Samuel 2:8

2 Samuel 17:26

Absalom sloeg met het leger van Israël zijn kamp op in Gilead.
Gerelateerd aan 2 Samuel 2:8

1 Kronieken 9:39

Ner verwekte Kis, Kis verwekte Saul, Saul verwekte Jonatan, Malkisua, Abinadab en Esbaäl.
Gerelateerd aan 2 Samuel 2:8

1 Samuel 17:55

Terwijl Saul toekeek hoe David de Filistijn tegemoet trad, vroeg hij aan zijn opperbevelhebber Abner: 'Zeg eens, van wie is die jongen een zoon?' 'Zo waar u leeft, koning, 'antwoordde Abner, 'ik weet het niet.'