Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Prediker 7:20

Er is geen mens op aarde die nooit zondigt, die alleen maar goed is en altijd rechtvaardig.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

1 Johannes 1:8

Als we zeggen dat we de zonde niet kennen, misleiden we onszelf en is de waarheid niet in ons.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Jakobus 3:2

En hoe vaak struikelen we niet allemaal! Wie nooit struikelt in het spreken kan zich een volmaakt mens noemen, die in staat is om zelfs het hele lichaam in toom te houden.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Psalmen 143:2

Daag uw dienaar niet voor het gerecht, voor u is geen sterveling onschuldig.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Job 15:14

Hoe kan een mens nu zuiver zijn, wie uit een vrouw geboren is, onschuldig?
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Deuteronomium 28:36

De HEER zal u, met de koning die u hebt aangesteld, laten wegvoeren naar een land dat u vreemd is en dat ook uw voorouders onbekend was. Daar zult u andere goden vereren, goden van hout en van steen.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

2 Koningen 17:18

De HEER werd woedend op de Israëlieten en verstootte hen. Niets bleef er van hen over, behalve de stam Juda.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Deuteronomium 4:26

ik roep vandaag de hemel en de aarde op als getuigen tegen u, dat u dan spoedig zult worden verdreven uit het land aan de overkant van de Jordaan, dat u in bezit zult nemen. Daar zal u dan geen lang leven beschoren zijn, integendeel, u zult worden weggevaagd.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

2 Koningen 15:21

Verdere bijzonderheden over Menachem zijn opgetekend in de kronieken van de koningen van Israël.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Daniel 9:7

U, Heer, staat in uw recht, maar tot op deze dag staat de schaamte ons op het gezicht, ons, de mannen van Juda, de inwoners van Jeruzalem, alle Israëlieten, of ze nu dichtbij zijn of ver weg, in alle landen waarheen u hen hebt verdreven vanwege hun ontrouw jegens u.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Leviticus 26:34

Zo, doordat het land braak ligt terwijl jullie naar het land van je vijanden verdreven zijn, wordt het schadeloos gesteld voor de rust die het heeft moeten ontberen. Dan zal het rusten ter vergoeding van de sabbatsjaren.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Lukas 21:24

De inwoners zullen omkomen door het zwaard of in gevangenschap worden weggevoerd en onder alle volken worden verstrooid, terwijl Jeruzalem vertrapt zal worden door heidenen, tot de tijd van de heidenen voorbij is.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Deuteronomium 28:64

want de HEER zal u uiteenjagen en onder alle volken verstrooien, tot in de verste uithoeken van de aarde. Daar zult u andere goden vereren, goden die u nog niet kende en ook uw voorouders niet, goden van hout en van steen.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Psalmen 130:3

Als u de zonden blijft gedenken, HEER, Heer, wie houdt dan stand?
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Spreuken 20:9

Wie zou kunnen zeggen: 'Ik heb mijn hart gezuiverd, ik ben vrij van zonden'?
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

1 Koningen 8:46

Wanneer ze tegen u zondigen-er is immers geen mens die niet zondigt-en u hen uit woede uitlevert aan vijanden die hen gevangennemen en meevoeren naar hun land, hetzij ver weg of dichtbij,
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

2 Koningen 17:23

Uiteindelijk verstootte de HEER Israël, zoals hij bij monde van alle profeten, zijn dienaren, had voorzegd, en de Israëlieten werden in ballingschap van hun grondgebied weggevoerd naar Assyrië, waar zij wonen tot op de dag van vandaag.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

Deuteronomium 29:24

(29:23) bij ieder volk rijst dan de vraag: “Waarom behandelt de HEER dit land zo? Waarom is zijn toorn zo hevig opgelaaid?”
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

2 Koningen 17:6

In het negende regeringsjaar van Hosea nam de koning van Assyrië Samaria in. Hij voerde de Israëlieten als ballingen mee naar Assyrië. Sommigen wees hij een woonplaats aan in Chalach, anderen aan de rivier de Chabor in Gozan, en weer anderen in de steden van Medië.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 6:36

1 Koningen 8:50

Vergeef uw volk alle zonden en misstappen die het tegen u begaan heeft en wek het mededogen op van degenen die hen als gevangenen hebben weggevoerd.