Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:20-27

Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:20

2 Koningen 23:29

Tijdens de regering van Josia trok farao Necho van Egypte naar de Eufraat op om zich bij de koning van Assur te voegen. Koning Josia ging de farao tegemoet, maar werd bij het eerste treffen, in Megiddo, door hem gedood.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:20

Jesaja 10:9

Is het Kalno niet vergaan als Karkemis? En Hamat als Arpad? Samaria als Damascus?
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:20

Jeremia 46:2

Over Egypte, over het leger van farao Necho, de koning van Egypte, dat zich bij de Eufraat, in Karkemis, bevond. In het vierde regeringsjaar van koning Jojakim van Juda, de zoon van Josia, werd het verslagen door koning Nebukadnessar van Babylonië.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:21

2 Kronieken 25:19

U zegt bij uzelf: Kijk, ik heb Edom verslagen, en in uw overmoed hunkert u naar nog meer roem. Maar ik zeg u: Blijf waar u bent. Waarom zou u uzelf in het ongeluk storten en Juda meesleuren in uw val?'
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:21

2 Koningen 18:25

U denkt toch niet dat hij zonder instemming van de HEER is opgetrokken om Jeruzalem te vernietigen? De HEER heeft hem gezegd: "Val dit land aan en vernietig het."'
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:21

2 Samuel 16:10

Maar de koning zei: 'Wat heb ik met jullie te maken, zonen van Seruja? Hij vervloekt mij; en wat dan nog? Dat heeft de HEER hem natuurlijk ingegeven. Wat vraag je dan: Hoe waagt hij het?'
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:21

Mattheüs 8:29

Ze begonnen te schreeuwen en te roepen: ‘Wat hebben wij met jou te maken, Zoon van God? Ben je hier gekomen om ons pijn te doen nog voordat de tijd daarvoor is aangebroken?’
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:21

Jesaja 36:10

U denkt toch niet dat hij zonder instemming van de HEER is opgetrokken om dit land te vernietigen? De HEER heeft hem gezegd: ‘Val dit land aan en vernietig het.’”’
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:21

Johannes 2:4

‘Wat wilt u van me?’ zei Jezus. ‘Mijn tijd is nog niet gekomen.’
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:22

Richteren 5:19

Daar kwamen de koningen, de stadsvorsten van Kanaän. Zij streden bij Taänach, bij Megiddo, aan de oever van de stroom, maar er viel voor hen geen zilver buit te maken.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:22

2 Kronieken 18:29

Hij zei tegen Josafat: 'Ik wil niet als koning gekleed de strijd ingaan, maar houdt u uw koninklijke gewaad aan.' De koning van Israël verkleedde zich dus voordat ze ten strijde trokken.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:22

1 Koningen 22:30

Hij zei tegen Josafat: 'Ik wil niet als koning gekleed de strijd ingaan, maar houdt u uw koninklijke gewaad aan.' De koning van Israël verkleedde zich dus voordat hij ten strijde trok.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:22

2 Kronieken 35:21

Koning Necho stuurde hem afgezanten met het volgende bericht: 'Wat wilt u van mij, koning van Juda? Het is niet tegen u dat ik optrek, maar tegen het koningshuis waarmee ik in oorlog ben. God heeft mij gezegd dat ik moest voortmaken. U kunt u beter niet mengen in de zaken van God, die mij ter zijde staat, anders zal hij u vernietigen.'
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:22

Zacharia 12:11

Op die dag zal men in Jeruzalem zo luid weeklagen als er in de vlakte van Megiddo wordt geweeklaagd om Hadad-Rimmon.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:22

1 Koningen 22:34

Een soldaat spande zijn boog en trof nietsvermoedend de koning van Israël tussen de schubben van zijn pantser. De koning zei tegen zijn wagenmenner: 'Wend de teugel en breng me buiten het strijdgewoel; ik ben zwaargewond.'
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:22

2 Kronieken 18:4

En hij voegde eraan toe: 'Vraag vandaag nog raad aan de HEER.'
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:22

Jozua 9:14

De stamhoofden van Israël namen toen wat van de proviand aan, maar ze verzuimden de HEER om raad te vragen.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:22

2 Koningen 23:30

Zijn dienaren brachten zijn lichaam op een wagen van Megiddo naar Jeruzalem, waar ze hem begroeven in zijn eigen graf. Josia's zoon Joachaz werd door het volk tot opvolger van zijn vader uitgeroepen en tot koning gezalfd.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:22

1 Koningen 14:2

Jerobeam zei tegen zijn vrouw: 'Kom, verkleed je zo dat niemand je als mijn vrouw herkent, en ga naar Silo. Daar woont de profeet Achia, die mij voorzegd heeft dat ik koning over dit volk zou worden.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 35:22

2 Koningen 9:27

Koning Achazja van Juda, die zag wat er gebeurde, vluchtte in de richting van Bet-Haggan. Maar Jehu zette de achtervolging in en riep: 'Dood ook hem!' Achazja werd getroffen terwijl hij in zijn wagen de pas van Gur bij Jibleam opreed. Hij wist te ontkomen naar Megiddo, en daar is hij gestorven.
1
2
3
Volgende