Gerelateerd aan 2 Kronieken 30:15
Gerelateerd aan 2 Kronieken 30:15
2 Kronieken 29:34
Er waren echter te weinig priesters om alle dieren voor het brandoffer te villen. Daarom werden ze in hun werk bijgestaan door hun verwanten, de Levieten, totdat ook de overige priesters zich hadden geheiligd. (De Levieten hielden zich namelijk nauwgezetter dan de priesters aan hun plicht om zich te heiligen.)
Gerelateerd aan 2 Kronieken 30:15
2 Kronieken 31:18
De hele groep werd met gezin en al geregistreerd, vrouwen, zonen en dochters inbegrepen, want zij waren door het ambt van de Levieten geheiligd.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 30:15
Exodus 19:22
Ook de priesters, die gewoonlijk wel in de nabijheid van de HEER mogen komen, moeten op eerbiedige afstand blijven, anders zal de toorn van de HEER tegen hen losbarsten.'
Gerelateerd aan 2 Kronieken 30:15
Ezechiel 43:10
Mensenkind, vertel het volk van Israël over de tempel, zodat ze zich schamen over hun wandaden, en laat ze het model nameten.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 30:15
Exodus 19:10
zei de HEER hem ook: 'Ga terug naar het volk en zorg ervoor dat ze zich vandaag en morgen heiligen, en laten ze hun kleren wassen.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 30:15
2 Kronieken 30:24
Jechizkia, koning van Juda, had aan de gemeenschap nog duizend stieren en zevenduizend schapen en geiten ter beschikking gesteld en de raadsheren gaven nog eens duizend stieren en tienduizend schapen en geiten, en opnieuw had een groot aantal priesters zich geheiligd.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 30:15
Ezechiel 16:61
Als je grote en je kleine zusters weer bij je komen, zul je over je gedrag nadenken en je ervoor schamen. Je zult ze van mij als dochters krijgen, al maken zij van het verbond geen deel uit.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 30:15
2 Kronieken 29:15
Ze riepen hun verwanten bijeen en heiligden zich om de tempel van de HEER te heiligen, zoals de koning op gezag van de HEER bevolen had.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 30:15
2 Kronieken 5:11
Op het moment dat de priesters uit het heiligdom naar buiten kwamen-alle priesters hadden zich zonder uitzondering geheiligd, ook zij die volgens het rooster geen dienst hadden,