Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Exodus 30:7

Aäron moet er elke morgen als hij de lampen in orde brengt, geurig reukwerk op branden.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Numeri 18:7

Maar jij en je zonen verrichten alle priesterlijke taken bij het altaar en in de ruimte achter het voorhangsel. Dat is jullie werk. Ik geef jullie het priesterschap als een geschenk. Iedere onbevoegde daarentegen die te dicht bij het heiligdom komt zal gedood worden.'
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

2 Kronieken 19:2

De ziener Jehu, de zoon van Chanani, ging de koning tegemoet en zei tegen hem: 'U vond het nodig degenen die de HEER afwijzen te helpen en degenen die hem haten lief te hebben. Daarom hebt u de toorn van de HEER over u afgeroepen.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Mattheüs 10:18

Jullie zullen omwille van mij worden voorgeleid aan gouverneurs en koningen, en een getuigenis moeten afleggen ten overstaan van hen en de heidenen.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Daniel 4:37

(4:34) Ik, Nebukadnessar, roem, verhef en verheerlijk nu de koning van de hemel. Al zijn daden zijn juist en zijn paden recht. Wie hoogmoedig zijn, kan hij vernederen.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Galaten 2:11

Maar toen Kefas in Antiochië was, heb ik me openlijk tegen hem verzet, want zijn gedrag was verwerpelijk.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Jeremia 13:18

Zeg tegen de koning en de koningin-moeder: Kom van je verheven zetel af, want jullie kostbare kroon, dat teken van vorstelijke waardigheid, zal vallen.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

2 Kronieken 16:7

In die tijd kwam de ziener Chanani bij koning Asa van Juda en zei tegen hem: 'Omdat u uw vertrouwen hebt gesteld in de koning van Aram en niet in de HEER, uw God, is het leger van de koning van Aram u ontglipt.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

1 Korinthe 5:5

moet u die persoon aan Satan uitleveren. Dan gaat zijn huidige bestaan verloren, opdat hij zal worden gered op de dag van de Heer.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Mattheüs 14:4

Johannes had namelijk tegen hem gezegd: ‘U mag haar niet tot vrouw nemen.’
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Numeri 16:39

(17:4) (4-5) De priester Eleazar pakte de bronzen vuurbakken waarmee door hen die door de vlam gedood waren een offer was gebracht; ze werden geplet en met de platen werd het altaar bekleed; zo had de HEER het bij monde van Mozes aan Eleazar opgedragen. Deze platen moeten de Israëlieten eraan herinneren dat een onbevoegde, iemand die niet van Aäron afstamt, niet in de nabijheid van de HEER mag komen om hem een reukoffer te brengen; zo iemand zal het vergaan als Korach en zijn aanhangers.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Mattheüs 10:28

Wees niet bang voor hen die wel het lichaam maar niet de ziel kunnen doden. Wees liever bang voor hem die in staat is én ziel én lichaam om te laten komen in de Gehenna.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

2 Korinthe 5:16

Daarom beoordelen we vanaf nu niemand meer volgens de maatstaven van deze wereld; ook Christus niet, die we vroeger wel volgens die maatstaven beoordeelden.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

1 Samuel 2:30

Welnu-spreekt de HEER, de God van Israël-, ooit heb ik plechtig verklaard dat jouw familie mij van vader op zoon ter zijde zou staan. Maar nu-spreekt de HEER -kom ik daarvan terug. Wie mij hoogachten acht ik hoog, maar verachtelijk zijn zij die mij geringschatten!
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Johannes 5:44

Hoe zou u ooit tot geloof kunnen komen? Van elkaar wilt u wel eer ontvangen, maar u zoekt niet de eer die de enige God u kan geven.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Hebreeën 5:4

Niemand kan zich die waardigheid toe-eigenen, men wordt daartoe door God geroepen, zoals ook met Aäron gebeurde.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Jakobus 2:1

Broeders en zusters, het geloof in Jezus Christus, onze glorierijke Heer, staat niet toe dat u mensen op hun uiterlijk beoordeelt.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 26:18

Numeri 16:46

(17:11) en Mozes zei tegen Aäron: 'Neem een vuurbak, doe er gloeiende kolen van het altaar in, leg daar reukwerk op en ga zo snel mogelijk naar het volk. Bewerk verzoening voor hen, want de toorn van de HEER is ontbrand, de plaag is al begonnen.'