SV
6Den zodanige is deze bestraffing genoeg, die van velen geschied is.
7Alzo dat gij daarentegen hem liever moet vergeven en vertroosten, opdat de zodanige door al te overvloedige droefheid niet enigszins worde verslonden.
8Daarom bid ik u, dat gij de liefde aan hem bevestigt.
9Want daartoe heb ik ook geschreven, opdat ik uw beproeving mocht verstaan, of gij in alles gehoorzaam zijt.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637