Gerelateerd aan 2 Koningen 22:11, 19
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:11
2 Kronieken 34:19
Bij het horen van de tekst van de wet scheurde de koning zijn kleren.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:11
Jona 3:6
Toen de profetie de koning van Nineve bereikte, stond hij op van zijn troon, legde zijn staatsiegewaad af en ging, gehuld in een boetekleed, op de grond zitten.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:11
Joel 2:13
Niet je kleren moet je scheuren, maar je hart. Keer terug tot de HEER, jullie God, want hij is genadig en liefdevol, geduldig en trouw, en tot vergeving bereid.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:11
Jeremia 36:24
Niemand schrok van wat hij hoorde, niemand scheurde zijn kleren, de koning niet en zijn dienaren evenmin.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:11
Jozua 7:6
Jozua en de oudsten van Israël scheurden hun kleren, wierpen zich voor de ark van de HEER ter aarde en gooiden stof over hun hoofd. Zo bleven ze tot de avond liggen.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
1 Koningen 21:29
'Heb je gezien hoe Achab zich voor mij vernedert? Omdat hij berouw toont, zal ik het onheil over zijn koningshuis niet tijdens zijn leven voltrekken, maar tijdens het leven van zijn zoon.'
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
Psalmen 51:17
(51:19) Het offer voor God is een gebroken geest; een gebroken en verbrijzeld hart zult u, God, niet verachten.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
Jeremia 44:22
De HEER kon jullie niet meer verdragen vanwege jullie kwalijke praktijken en gruwelijke daden. Daarom is jullie land de woestenij geworden die het nu is, een verschrikkelijke plaats waar niemand meer woont, waarvan de naam als een vloek wordt gebruikt.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
Exodus 10:3
Mozes en Aäron gingen naar de farao en zeiden: 'Dit zegt de HEER, de God van de Hebree ën: Hoe lang blijft u nog weigeren u aan mij te onderwerpen? Laat mijn volk gaan om mij te vereren.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
Jeremia 26:6
dan zal ik met deze tempel hetzelfde doen als met Silo, zodat alle volken op aarde de naam van deze stad als een vloek zullen gebruiken.’
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
Jesaja 57:15
Dit zegt hij die hoog is en verheven, die troont in eeuwigheid-heilig is zijn naam: In hoogheid en heiligheid zal ik tronen met hen die verslagen en onaanzienlijk zijn, opdat de onaanzienlijke geest herleeft, opdat het verslagen hart tot leven komt.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
Micha 6:8
Er is jou, mens, gezegd wat goed is, je weet wat de HEER van je wil: niets anders dan recht te doen, trouw te betrachten en nederig de weg te gaan van je God.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
1 Petrus 5:5
En u, jongeren, moet van uw kant het gezag van de oudsten erkennen. Overigens, in de omgang met elkaar moet ieder van u altijd de minste willen zijn, want God keert zich tegen hoogmoedigen, maar aan nederigen schenkt hij zijn genade.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
Leviticus 26:31
Ik zal je steden in puin leggen, je heilige plaatsen verwoesten en me niet laten behagen door de geur die van jullie offers opstijgt.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
1 Samuel 24:5
(24:6) Zijn hart bonsde ervan,
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
Nehemia 1:4
Toen ik deze woorden hoorde, ging ik huilend op de grond zitten. Ik rouwde dagenlang, ik vastte en riep de God van de hemel aan.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
Psalmen 119:136
Beken van tranen vloeien uit mijn ogen, want uw wet wordt niet onderhouden.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
2 Kronieken 33:12
Toen Manasse zo in het nauw gedreven was, probeerde hij de HEER, zijn God, mild te stemmen door zich voor de God van zijn voorouders te verootmoedigen.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
Jeremia 36:29
Zeg tegen hem: Dit zegt de HEER: Je hebt de rol verbrand en Jeremia verweten daarin te hebben geschreven dat de koning van Babylonië dit land zal binnenvallen, dat hij het zal verwoesten en de mensen en dieren zal uitroeien.
Gerelateerd aan 2 Koningen 22:19
Deuteronomium 29:23
(29:22) heel de bodem door zwavel en zout vergiftigd, zodat zaaien geen zin meer heeft en er helemaal niets meer wil groeien, net zoals toen de HEER in zijn grote woede Sodom en Gomorra, Adma en Seboïm weggevaagd had-,
1
2
3