Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2, 4, 6

Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

2 Koningen 2:6

Elia zei tegen Elisa: 'Blijf jij hier, de HEER wil dat ik naar de Jordaan ga.' Maar Elisa antwoordde: 'Zo waar de HEER leeft, en zo waar u leeft, er is geen denken aan dat ik u alleen laat gaan.' Zo gingen ze samen verder.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

2 Koningen 4:30

Maar de moeder van de jongen zei: 'Zo waar de HEER leeft, en zo waar u leeft, ik ga niet zonder u.' Toen stond Elisa op en ging met haar mee.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

1 Samuel 1:26

Daar zei Hanna: 'Neem me niet kwalijk, heer, zo waar u leeft, ik ben de vrouw die destijds hier bij u tot de HEER heeft gebeden.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

2 Koningen 2:4

Elia zei tegen Elisa: 'Blijf jij hier, Elisa, de HEER wil dat ik naar Jericho ga.' Maar Elisa antwoordde: 'Zo waar de HEER leeft, en zo waar u leeft, er is geen denken aan dat ik u alleen laat gaan.' Zo gingen ze samen naar Jericho.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

Johannes 6:67

Jezus vroeg nu aan de twaalf: ‘Willen jullie soms ook weggaan?’
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

1 Samuel 17:55

Terwijl Saul toekeek hoe David de Filistijn tegemoet trad, vroeg hij aan zijn opperbevelhebber Abner: 'Zeg eens, van wie is die jongen een zoon?' 'Zo waar u leeft, koning, 'antwoordde Abner, 'ik weet het niet.'
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

1 Koningen 12:33

Op de vijftiende dag van de achtste maand, de datum die Jerobeam eigenmachtig had vastgesteld als feestdag voor de Israëlieten, besteeg hij de treden naar het altaar dat hij in Betel had laten maken, om er een offer te ontsteken.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

1 Samuel 25:26

Zo waar de HEER leeft, mijn heer, en zo waar u zelf leeft, de HEER heeft u ervan weerhouden om het recht in eigen hand te nemen en bloedschuld op u te laden. Maar ik hoop dat het al uw vijanden en tegenstanders zal vergaan zoals Nabal.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

Ruth 1:15

'Kijk, je schoonzuster gaat terug naar haar volk en haar god, 'zei Noömi, 'ga haar toch achterna!'
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

Jeremia 4:2

maar zweer waarachtig, eerlijk en oprecht: “Zo waar de HEER leeft.” Dan willen alle volken worden gezegend als Israël, ze zullen zich met Israël gelukkig prijzen.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

1 Koningen 12:29

Het ene beeld liet hij in Betel plaatsen, en het andere in Dan,
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

Genesis 28:19

Hij gaf die plaats de naam Betel; vroeger heette het daar Luz.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

2 Samuel 15:19

De koning zei tegen hun leider Ittai: 'Maar ú hoeft toch niet met ons mee te gaan? Keer terug en voeg u bij de nieuwe koning. U bent immers een vreemdeling, verbannen uit uw eigen woonplaats.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:2

1 Johannes 2:19

Ze zijn uit ons midden voortgekomen maar ze hoorden niet bij ons, want als ze werkelijk bij ons hadden gehoord, zouden ze bij ons gebleven zijn. Maar het moest aan het licht komen dat niemand van hen bij ons hoorde.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:4

2 Koningen 2:2

maar Elia zei tegen Elisa: 'Blijf jij hier, de HEER wil dat ik naar Betel ga.' Elisa antwoordde: 'Zo waar de HEER leeft, en zo waar u leeft, er is geen denken aan dat ik u alleen laat gaan.' Zo gingen ze samen op weg naar Betel.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:4

Jozua 6:26

Jozua liet het volk de volgende eed zweren: 'Wij vervloeken ten overstaan van de HEER iedere man die het waagt deze stad, Jericho, weer op te bouwen. Hij zal de fundamenten leggen ten koste van zijn oudste zoon en de poortdeuren bevestigen ten koste van zijn jongste zoon.'
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:4

1 Koningen 16:34

In de tijd van Achab werd Jericho weer opgebouwd door Chiël uit Betel. Ten koste van zijn oudste zoon, Abiram, legde hij de fundamenten, en de poortdeuren bevestigde hij ten koste van Segub, zijn jongste zoon, zoals de HEER bij monde van Jozua, de zoon van Nun, had voorzegd.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:4

Handelingen 2:42

Ze bleven trouw aan het onderricht van de apostelen, vormden met elkaar een gemeenschap, braken het brood en wijdden zich aan het gebed.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:4

2 Koningen 4:30

Maar de moeder van de jongen zei: 'Zo waar de HEER leeft, en zo waar u leeft, ik ga niet zonder u.' Toen stond Elisa op en ging met haar mee.
Gerelateerd aan 2 Koningen 2:4

Handelingen 11:23

Toen hij daar was aangekomen en zag wat God in zijn goedgunstigheid had bewerkt, verheugde hij zich en spoorde hij iedereen aan om standvastig te zijn en trouw te blijven aan de Heer.
1
2
Volgende