Gerelateerd aan 2 Samuel 16:22

Gerelateerd aan 2 Samuel 16:22

2 Samuel 15:16

De koning vertrok, en zijn hele hofhouding volgde hem. Hij liet echter tien van zijn bijvrouwen achter om voor het huis te zorgen.
Gerelateerd aan 2 Samuel 16:22

2 Samuel 12:11

Dit zegt de HEER: Je eigen familie zal een bron van ellende voor je worden. Je zult moeten aanzien dat ik je vrouwen aan een ander geef, aan iemand van je eigen familie. Die zal met je vrouwen slapen op klaarlichte dag.
Gerelateerd aan 2 Samuel 16:22

2 Samuel 20:3

Toen koning David in zijn paleis in Jeruzalem kwam, stelde hij de tien bijvrouwen die hij als huisbewaarsters had achtergelaten, in bewaring in een eigen huis. Hij bleef hen onderhouden, maar hij zocht hen niet meer op. Zo bleven zij tot aan de dag van hun dood opgesloten als onbestorven weduwen.
Gerelateerd aan 2 Samuel 16:22

Jeremia 8:12

Schamen zij zich voor hun wandaden? Integendeel, ze weten niet wat schaamte is. Daarom komen ze ten val, de een na de ander, op het moment dat ik ze straf komen ze ten val- zegt de HEER.
Gerelateerd aan 2 Samuel 16:22

Ezechiel 24:7

Het bloed dat ze vergoten heeft, is nog niet verdwenen. Op een kale rots blijft het liggen, ze heeft het niet laten weglopen over de aarde, waar het in de grond kan verdwijnen.
Gerelateerd aan 2 Samuel 16:22

Numeri 25:6

Terwijl Mozes en heel Israël bij de ingang van de ontmoetingstent aan het weeklagen waren, bracht een van de Israëlitische mannen voor hun ogen toch nog een Midjanitische vrouw naar zijn tent.
Gerelateerd aan 2 Samuel 16:22

2 Samuel 11:2

Op een keer stond hij aan het eind van de middag op van zijn rustbed en liep wat heen en weer over het dak van het paleis. Beneden zag hij een vrouw die aan het baden was. Ze was heel mooi om te zien.
Gerelateerd aan 2 Samuel 16:22

Jesaja 3:9

Hun partijdigheid keert zich tegen hen, schaamteloos pronken ze met hun zonden, als Sodom. Wee hun, want ze berokkenen zichzelf kwaad.
Gerelateerd aan 2 Samuel 16:22

Jeremia 3:3

Daarom bleven de regens uit, is de lenteregen niet gekomen. Toch hield je de brutale blik van een hoer, je toonde geen enkele schaamte.
Gerelateerd aan 2 Samuel 16:22

Filippensen 3:19

en gaan hun ondergang tegemoet. Hun god is hun buik, hun eer is schaamteloosheid en hun aandacht is alleen gericht op aardse zaken.