Gerelateerd aan 2 Kronieken 29:31

Gerelateerd aan 2 Kronieken 29:31

2 Kronieken 13:9

U hebt toch de priesters van de HEER verjaagd, de nakomelingen van Aäron, en de Levieten, en zelf priesters aangesteld zoals andere volken dat doen? Iedereen die een stier en zeven rammen komt brengen, kan een aanstelling krijgen als priester voor die zogenaamde goden.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 29:31

Exodus 35:22

Alle mannen en vrouwen die bereid waren de HEER iets van goud af te staan, kwamen sierspelden, neusringen, vingerringen, halssieraden en allerlei andere gouden voorwerpen brengen.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 29:31

Leviticus 1:1

De HEER riep Mozes en zei vanuit de ontmoetingstent tegen hem:
Gerelateerd aan 2 Kronieken 29:31

Leviticus 7:12

Wie het offer als dankbetuiging aanbiedt, offert bij het offerdier dikke ongedesemde broden, met olijfolie bereid, dunne ongedesemde broden, met olijfolie bestreken, en dikke broden van fijne tarwebloem, doordrenkt met olijfolie.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 29:31

Leviticus 23:38

Deze offers vallen buiten wat jullie de HEER elke sabbat geven en buiten je wijgeschenken, gelofteoffers en vrijwillige gaven.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 29:31

Exodus 35:5

hem geschenken te geven. Laat iedereen die daartoe bereid is iets aan de HEER afstaan: goud, zilver of koper,
Gerelateerd aan 2 Kronieken 29:31

Ezra 1:4

Allen die hier nog als vreemdeling verblijven, waar zij zich ook mogen bevinden, dienen van hun medeburgers ondersteuning te krijgen in de vorm van zilver, goud, goederen en vee. Dit komt boven op de vrijwillige gaven voor de tempel van de God die in Jeruzalem woont.'