Gerelateerd aan 2 Kronieken 21:20

Gerelateerd aan 2 Kronieken 21:20

Jeremia 22:18

Daarom-dit zegt de HEER over koning Jojakim van Juda, zoon van Josia: Niemand zal een klaaglied zingen: “Ach mijn broer, ach mijn zuster.” Niemand klaagt: “Ach heer, ach majesteit.”
Gerelateerd aan 2 Kronieken 21:20

Jeremia 22:28

Is Jechonja soms een afgedankte, stukgeslagen pot, is deze man een kruik die nergens meer toe dient? Waarom worden hij en zijn kinderen weggeworpen, verdreven naar een onbekend land?
Gerelateerd aan 2 Kronieken 21:20

2 Kronieken 24:25

Nadat de Arameeërs hem zwaargewond hadden achtergelaten, spanden zijn hovelingen tegen hem samen om de dood van de zoon van de hogepriester Jojada te wreken. Hij werd op zijn ziekbed vermoord. Na zijn dood werd hij begraven in de Davidsburcht, maar hij werd niet bijgezet in de koninklijke grafkamers.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 21:20

2 Kronieken 28:27

Toen hij stierf, werd hij wel in Jeruzalem begraven, maar niet bijgezet in de graven van de koningen van Israël. Zijn zoon Jechizkia volgde hem op.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 21:20

2 Kronieken 23:21

Heel het volk was verheugd, en hoewel Atalja ter dood gebracht was, bleef het rustig in de stad.
Gerelateerd aan 2 Kronieken 21:20

Spreuken 10:7

De herinnering aan een rechtvaardige strekt tot zegen, de naam van goddelozen vergaat.