Gerelateerd aan 2 Koningen 4:26
Gerelateerd aan 2 Koningen 4:26
Handelingen 15:36
Niet lang daarna zei Paulus tegen Barnabas: ‘Laten we teruggaan naar alle steden waar we het woord van de Heer hebben verkondigd, om te zien hoe het daar met de leerlingen gaat.’
Gerelateerd aan 2 Koningen 4:26
1 Samuel 17:18
En deze tien kazen moet je aan hun bevelhebber geven. Vraag je broers hoe het met ze gaat en neem een levensteken van hen mee terug.'
Gerelateerd aan 2 Koningen 4:26
1 Samuel 3:18
Zonder iets achter te houden vertelde Samuël hem alles wat hij had gehoord, en Eli zei: 'Hij is de HEER. Laat hij doen wat hij het beste vindt.'
Gerelateerd aan 2 Koningen 4:26
Genesis 29:6
‘Hoe maakt hij het?’ vroeg hij. ‘Goed, ‘antwoordden ze. ‘Kijk, daar komt zijn dochter Rachel juist aan met de schapen.’
Gerelateerd aan 2 Koningen 4:26
Genesis 37:14
en Jakob vervolgde: ‘Ga kijken hoe je broers het maken en hoe het met het vee staat, en breng mij dan verslag uit.’ Zo stuurde Jakob hem vanuit de Hebronvallei naar Sichem.
Gerelateerd aan 2 Koningen 4:26
2 Koningen 4:23
'Waarom zou je naar de godsman gaan?' vroeg hij. 'Het is toch geen nieuwemaan vandaag, en ook geen sabbat?' 'Laat me nu maar, 'zei ze.
Gerelateerd aan 2 Koningen 4:26
Job 1:21
En hij zei: 'Naakt ben ik uit de schoot van mijn moeder gekomen en naakt zal ik in haar schoot terugkeren. De HEER heeft gegeven, de HEER heeft genomen, de naam van de HEER zij geprezen.'
Gerelateerd aan 2 Koningen 4:26
Psalmen 39:9
(39:10) Ik zei niets, opende mijn mond niet, want u was het die mij dit alles aandeed.
Gerelateerd aan 2 Koningen 4:26
Zacharia 2:4
(2:8) en zei: 'Vlug, zeg tegen die jongeman dat Jeruzalem een open stad zal blijven, niet ommuurd, vanwege het grote aantal mensen en dieren dat er zal wonen.
Gerelateerd aan 2 Koningen 4:26
Leviticus 10:3
Mozes zei tegen Aäron: 'Dit bedoelde de HEER toen hij zei: "Door degenen die in mijn nabijheid verkeren, toon ik mijn heiligheid. Het hele volk maak ik getuige van mijn majesteit."' Aäron zweeg.
Gerelateerd aan 2 Koningen 4:26
Mattheüs 10:12
Groet de bewoners van het huis dat je binnengaat.