Gerelateerd aan 2 Koningen 25:8

Gerelateerd aan 2 Koningen 25:8

Jeremia 52:12

Op de tiende dag van de vijfde maand, in het negentiende regeringsjaar van koning Nebukadnessar van Babylonië, trok diens vertegenwoordiger Nebuzaradan, de commandant van zijn lijfwacht, Jeruzalem binnen.
Gerelateerd aan 2 Koningen 25:8

Klaagliederen 4:12

Dat ooit een vijand of tegenstander de poorten van Jeruzalem zou binnengaan-de koningen der aarde noch haar bewoners konden het geloven.
Gerelateerd aan 2 Koningen 25:8

Zacharia 8:19

'Dit zegt de HEER van de hemelse machten: De vastendagen in de vierde en de vijfde maand en de vastendagen in de zevende en de tiende maand zullen voor Juda veranderen in blijde feestdagen vol vreugde en vrolijkheid. Maar let wel: houd de vrede en waarheid in ere!
Gerelateerd aan 2 Koningen 25:8

Jeremia 39:8

De Chaldeeën staken het koninklijk paleis en de huizen van de bevolking in brand, en ze haalden de muren van Jeruzalem neer.
Gerelateerd aan 2 Koningen 25:8

Jeremia 40:1

De HEER richtte zich tot Jeremia nadat Nebuzaradan, de commandant van de lijfwacht, hem in Rama had vrijgelaten. Hij had Jeremia daar geboeid aangetroffen onder de ballingen van Jeruzalem en Juda, die naar Babel zouden worden gevoerd.
Gerelateerd aan 2 Koningen 25:8

2 Koningen 25:27

In het zevenendertigste jaar van de ballingschap van koning Jojachin van Juda, op de zevenentwintigste dag van de twaalfde maand, verleende koning Ewil-Merodach van Babylonië hem ter gelegenheid van zijn troonsbestijging gratie en ontsloeg hij hem uit de gevangenis.
Gerelateerd aan 2 Koningen 25:8

2 Koningen 24:12

gaf koning Jojachin van Juda zich samen met zijn moeder, zijn hovelingen, zijn legeraanvoerders en zijn kamerheren aan de koning van Babylonië over; deze nam hem gevangen in het achtste jaar van zijn regering.