Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

Richteren 8:6

Maar het stadsbestuur van Sukkot zei: 'Waarom zouden wij uw leger te eten geven? Hebt u Zebach en Salmunna soms al in handen gekregen?'
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

1 Samuel 25:3

Zijn naam was Nabal en zijn vrouw heette Abigaïl. Zij had een helder verstand en was mooi om te zien; hij was hard en gewetenloos. Hij was een nakomeling van Kaleb.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

Deuteronomium 8:17

En dan zou u bij uzelf denken: Al die voorspoed hebben we op eigen kracht verworven!?
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

Job 31:17

At ik mijn brood alleen, deelde ik het niet met wezen?
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

2 Korinthe 6:9

we zijn vreemdelingen maar toch bij iedereen bekend, we sterven maar toch leven we, we worden gestraft maar niet ter dood veroordeeld,
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

1 Samuel 25:14

Intussen was Nabals vrouw Abigaïl door een van de knechten op de hoogte gesteld. 'David heeft uit de woestijn boden gestuurd om onze heer te groeten, 'zei hij, 'maar die is tegen hen uitgevaren.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

Johannes 9:29

Van Mozes weten we dat God met hem gesproken heeft, maar van deze man weten we niet waar hij vandaan komt.’
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

1 Samuel 24:13

(24:14) Zoals het oude spreekwoord luidt: Slechte mensen, slechte daden. Nee, ik zal mijn hand niet tegen u opheffen.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

1 Petrus 4:9

Wees gastvrij voor elkaar, zonder te klagen.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

Psalmen 73:7

hun ogen puilen uit het vet, van eigenwaan zwelt hun hart.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

Prediker 11:1

Werp je brood uit over het water, want je vindt het later weer terug.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:11

Galaten 6:10

Laten we dus, in de tijd die ons nog rest, voor iedereen het goede doen, vooral voor onze geloofsgenoten.