Gerelateerd aan 1 Samuel 15:3

Gerelateerd aan 1 Samuel 15:3

Numeri 24:20

Toen zag Bileam Amalek en hief hij deze orakelspreuk aan: 'Amalek, vooraanstaand onder de volken, zal ten slotte volledig te gronde gaan.'
Gerelateerd aan 1 Samuel 15:3

Deuteronomium 20:16

Maar daarbinnen, in de steden van het land dat de HEER, uw God, u als grondgebied zal geven, mag u geen mens in leven laten.
Gerelateerd aan 1 Samuel 15:3

Numeri 31:17

Dood daarom alle kinderen van het mannelijk geslacht en alle vrouwen die met een man hebben geslapen,
Gerelateerd aan 1 Samuel 15:3

1 Samuel 22:19

Ook alle inwoners van de priesterstad Nob werden gedood: alle mannen en vrouwen, alle kinderen en zuigelingen, en ook de levende have: stieren, ezels en schapen.
Gerelateerd aan 1 Samuel 15:3

Jozua 6:17

Maar op de stad en alles wat erin is rust de ban van de HEER: ze is onvoorwaardelijk aan de HEER gewijd en moet vernietigd worden. Alleen de hoer Rachab mag in leven blijven, samen met iedereen die bij haar in huis is, want zij heeft onze verkenners een schuilplaats gegeven.
Gerelateerd aan 1 Samuel 15:3

Genesis 3:17

Tegen de mens zei hij: ‘Je hebt geluisterd naar je vrouw, gegeten van de boom die ik je had verboden. Vervloekt is de akker om wat jij hebt gedaan, zwoegen zul je om ervan te eten, je hele leven lang.
Gerelateerd aan 1 Samuel 15:3

Jesaja 14:21

Leid zijn kinderen naar de slachtbank om wat hun ouders hebben misdaan. Nooit meer zullen zij de wereld veroveren, noch de aarde bedekken met hun steden.
Gerelateerd aan 1 Samuel 15:3

Exodus 20:5

Kniel voor zulke beelden niet neer, vereer ze niet, want ik, de HEER, uw God, duld geen andere goden naast mij. Voor de schuld van de ouders laat ik de kinderen boeten, en ook het derde geslacht en het vierde, wanneer ze mij haten;
Gerelateerd aan 1 Samuel 15:3

Deuteronomium 13:15

(13:16) dan moet u de inwoners van die stad ter dood brengen. De hele stad, iedereen die er woont, en alle dieren moeten onvoorwaardelijk aan de HEER worden gewijd en gedood worden,
Gerelateerd aan 1 Samuel 15:3

Leviticus 27:28

Wanneer iemand iets uit zijn bezit onvoorwaardelijk aan de HEER heeft gewijd, of het nu slaven, vee of grond betreft, rust er een ban op. Het kan dan niet worden verpand en de gelofte kan niet worden afgekocht. Alles wat onvoorwaardelijk aan de HEER is gewijd, is allerheiligst.
Gerelateerd aan 1 Samuel 15:3

Romeinen 8:20

Want de schepping is ten prooi aan zinloosheid, niet uit eigen wil, maar door hem die haar daaraan heeft onderworpen. Maar ze heeft hoop gekregen,