Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

Efeze 4:11

En hij is het die apostelen heeft aangesteld, en profeten, evangelieverkondigers, herders en leraren,
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

Romeinen 12:6

We hebben verschillende gaven, onderscheiden naar de genade die ons geschonken is. Wie de gave heeft te profeteren, moet die in overeenstemming met het geloof gebruiken.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

Hebreeën 13:17

Gehoorzaam uw leiders en schik u naar hen, want zij waken over uw leven en zullen daarvan ook rekenschap moeten afleggen. Zorg ervoor dat zij hun taak met vreugde kunnen vervullen, zodat ze geen reden tot klagen hebben: dat zou u zeker niet ten goede komen.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

Hebreeën 13:24

Groet al uw leiders en alle heiligen. De gelovigen uit Italië laten u groeten.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

Efeze 3:5

Het is onder vorige generaties niet aan de mensen onthuld, maar nu door de Geest geopenbaard aan zijn heilige apostelen en profeten:
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

1 Korinthe 12:7

In iedereen is de Geest zichtbaar aan het werk, ten bate van de gemeente.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

Handelingen 20:28

Zorg voor uzelf en voor de hele kudde waarover de heilige Geest u als herder heeft aangesteld; u bent de opzieners van Gods gemeente, die hij verworven heeft door het bloed van zijn eigen Zoon.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

1 Korinthe 12:18

God heeft nu eenmaal alle lichaamsdelen hun eigen plaats gegeven, precies zoals hij dat wilde.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

Efeze 2:20

gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten, met Christus Jezus zelf als de hoeksteen.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

Numeri 11:17

Ik zal neerdalen om daar met jou te spreken, en een deel van de geest die op jou rust zal ik op hen overdragen. Dan kunnen zij samen met jou de last van het volk dragen en hoef je dat niet langer alleen te doen.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

1 Timotheüs 5:17

Oudsten die goed leiding geven moeten dubbel worden beloond, vooral degenen die zich veel moeite geven voor de prediking en het onderricht.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

Lukas 6:14

Simon, aan wie hij de naam Petrus gaf, diens broer Andreas, Jakobus en Johannes, Filippus en Bartolomeüs,
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

1 Korinthe 10:32

Geef geen aanstoot aan de Joden, aan andere volken of aan Gods gemeente.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

1 Petrus 5:1

Ik doe een beroep op de oudsten onder u. Als uw mede-oudste en als ooggetuige van Christus' lijden, en omdat ik evenals u zal delen in de luister die binnenkort zal worden geopenbaard, vraag ik u:
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

Handelingen 2:8

Hoe kan het dan dat wij hen allemaal in onze eigen moedertaal horen?
Gerelateerd aan 1 Korinthe 12:28

Handelingen 13:1

Er waren in de gemeente van Antiochië profeten en leraren, onder wie Barnabas, Simeon die Niger werd genoemd, Lucius de Cyreneeër, Manaën, een jeugdvriend van de tetrarch Herodes, en Saulus.