Gerelateerd aan 1 Koningen 11:5-7

Gerelateerd aan 1 Koningen 11:5

Richteren 2:13

Ze keerden hem de rug toe om Baäl en de Astartes te dienen.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:5

1 Koningen 11:7

Zo liet hij op een heuvel in de buurt van Jeruzalem een offerplaats maken ter ere van Kemos, de gruwelijke god van Moab, en ter ere van Moloch, de gruwelijke god van de Ammonieten.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:5

1 Koningen 11:33

Ik breng deze scheuring teweeg omdat ze mij verlaten hebben en Astarte zijn gaan vereren, de godin van de Sidoniërs, en Kemos, de god van Moab, en Milkom, de god van de Ammonieten. Ze zijn mij ongehoorzaam geworden en hebben gedaan wat slecht is in mijn ogen, want ze hebben mijn voorschriften en rechtsregels niet nageleefd zoals Salomo's vader David dat deed.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:5

2 Koningen 23:13

De offerplaatsen buiten de stad, ten zuiden van de Berg van het verderf, die koning Salomo van Israël had laten oprichten voor Astarte, de gruwelijke godin van de Sidoniërs, Kemos, de gruwelijke god van Moab, en Milkom, de weerzinwekkende god van Ammon, werden door de koning ontwijd:
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:5

Richteren 10:6

Weer deden de Israëlieten wat slecht is in de ogen van de HEER: weer begonnen ze de Baäls en Astartes te vereren, en ook de goden van Aram, Sidon en Moab en de goden van de Ammonieten en de Filistijnen. Ze keerden de HEER de rug toe en dienden hem niet meer.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:5

1 Samuel 7:3

Ten slotte sprak Samuël het volk als volgt toe: 'Als het u werkelijk ernst is terug te keren naar de HEER, doe dan de vreemde goden zoals Astarte weg en richt u met heel uw hart naar de HEER. Dien hem alleen, dan zal hij u bevrijden uit de greep van de Filistijnen.'
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:5

Jeremia 2:10

Ga naar de Griekse eilanden, vraag na, trek naar Kedar, onderzoek: is zoiets ooit gebeurd,
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:5

Leviticus 20:2

'Zeg tegen de Israëlieten: "Wanneer een Israëliet of een vreemdeling die in Israël woont een van zijn kinderen aan Moloch offert, moet hij ter dood gebracht worden; het volk moet hem stenigen.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:5

1 Samuel 12:10

riepen ze de HEER te hulp en zeiden: "We hebben gezondigd! We hebben de HEER de rug toegekeerd om de Baäls en Astartes te vereren. Bevrijd ons uit de greep van onze vijanden, dan zullen we u weer dienen."
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:5

Leviticus 18:21

Ontwijd de naam van je God niet door een van je kinderen aan Moloch te offeren. Ik ben de HEER.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:5

Zefanja 1:5

Ik zal wegvagen wie op het dak knielt voor het sterrenleger aan de hemel, wie knielt voor de HEER en trouw aan hem zweert, maar tegelijk ook aan Milkom.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:6

Jozua 14:8

Mijn metgezellen joegen ons volk de schrik op het lijf, maar ik bleef volledig op de HEER, mijn God, vertrouwen.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:6

Jozua 14:14

(14-15) Hebron heette destijds Kirjat-Arba, naar Arba, de grootste reus onder de Enakieten. Omdat Kaleb, een Kenizziet, een zoon van Jefunne, op de HEER, de God van Israël, was blijven vertrouwen, kregen hij en zijn nageslacht Hebron als grondgebied, tot op de dag van vandaag. Hiermee eindigde de oorlog.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:6

Numeri 14:24

Maar mijn dienaar Kaleb, die door een andere geest bezield was en mij volkomen trouw is geweest, hem zal ik naar het land brengen waar hij geweest is, en zijn nakomelingen zullen het bezitten.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:7

Numeri 21:29

Wee Moab! Je ging ten onder, volk van Kemos. De zonen van Kemos moesten vluchten, zijn dochters werden buitgemaakt door Sichon, koning der Amorieten.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:7

Richteren 11:24

Nee! Wat u dankzij uw god Kemos in bezit hebt gekregen kunt u uw eigendom noemen, maar het bezit van degenen die de HEER, onze God, voor ons verdreven heeft, is ons eigendom!
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:7

Handelingen 7:43

Nee, jullie hebben de tent van Moloch meegedragen en de ster van jullie god Refan, beelden die jullie zelf gemaakt hebben om te aanbidden. Daarom zal ik jullie wegvoeren, tot voorbij Babylon.”
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:7

Zacharia 14:4

Die dag zal hij zijn voeten op de Olijfberg planten, ten oosten van Jeruzalem. De Olijfberg zal in tweeën splijten: de ene helft glijdt weg naar het noorden en de andere naar het zuiden, zodat er een breed dal ontstaat van oost naar west.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:7

Leviticus 20:2

'Zeg tegen de Israëlieten: "Wanneer een Israëliet of een vreemdeling die in Israël woont een van zijn kinderen aan Moloch offert, moet hij ter dood gebracht worden; het volk moet hem stenigen.
Gerelateerd aan 1 Koningen 11:7

2 Koningen 23:10

Verder liet Josia de offerplaats Tofet in het Hinnomdal ontwijden, zodat niemand er meer zijn zoon of dochter als offer voor Moloch kon verbranden.
1
2
Volgende