Gerelateerd aan 1 Samuel 26:5
Gerelateerd aan 1 Samuel 26:5
1 Samuel 17:55
Terwijl Saul toekeek hoe David de Filistijn tegemoet trad, vroeg hij aan zijn opperbevelhebber Abner: 'Zeg eens, van wie is die jongen een zoon?' 'Zo waar u leeft, koning, 'antwoordde Abner, 'ik weet het niet.'
Gerelateerd aan 1 Samuel 26:5
1 Samuel 17:20
De volgende ochtend vroeg ging David met de proviand op weg, zoals Isaï hem had opgedragen. Zijn kudde liet hij achter onder de hoede van iemand anders. Hij kwam juist bij het wagenkamp aan toen het leger onder het aanheffen van strijdkreten de linies betrok.
Gerelateerd aan 1 Samuel 26:5
1 Samuel 14:50
Sauls vrouw was Achinoam, de dochter van Achimaäs. Zijn opperbevelhebber was zijn neef Abner, de zoon van Ner.
Gerelateerd aan 1 Samuel 26:5
1 Samuel 9:1
In Benjamin woonde een man die Kis heette. Hij was een zoon van Abiël, die een zoon was van Seror, de zoon van Bechorat, de zoon van Afiach. Hij behoorde tot de stam Benjamin en was een vermogend man.
Gerelateerd aan 1 Samuel 26:5
2 Samuel 3:33
De koning zong een klaaglied voor Abner: 'Hoe eerloos moest je sterven, Abner.
Gerelateerd aan 1 Samuel 26:5
1 Kronieken 9:39
Ner verwekte Kis, Kis verwekte Saul, Saul verwekte Jonatan, Malkisua, Abinadab en Esbaäl.
Gerelateerd aan 1 Samuel 26:5
2 Samuel 3:7
Saul had een bijvrouw gehad, een zekere Rispa, de dochter van Ajja. Isboset vroeg aan Abner: 'Waarom hebt u bezit genomen van de bijvrouw van mijn vader?'
Gerelateerd aan 1 Samuel 26:5
2 Samuel 2:8
Intussen was Sauls zoon Isboset door Abner, de zoon van Ner en opperbevelhebber van Saul, naar Machanaïm gebracht
Gerelateerd aan 1 Samuel 26:5
2 Samuel 3:27
Toen Abner in Hebron terugkwam, nam Joab hem in het poortgebouw ter zijde alsof hij hem onder vier ogen wilde spreken en stak hem in de buik. Zo stierf Abner omdat hij Joabs broer Asaël had gedood.