Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

Genesis 38:13

Zodra Tamar hoorde dat haar schoonvader op weg was naar Timna om zijn schapen te scheren,
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

Jozua 15:55

Verder Maon, Karmel, Zif, Jutta,
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

1 Samuel 23:24

Daarop vertrokken de bezoekers om Saul voor te gaan naar Zif. David en zijn mannen bevonden zich inmiddels in de woestijn bij Maon in de Araba, ten zuiden van de Jesimon.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

Lukas 16:19

Er was eens een rijke man die gewoon was zich te kleden in purperen gewaden en fijn linnen en die dagelijks uitbundig feestvierde.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

Psalmen 73:3

want ik keek met afgunst naar de dwazen, benijdde het geluk van wie kwaad doen.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

Genesis 13:2

Abram was bijzonder rijk: hij had veel vee, zilver en goud.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

Genesis 26:13

Hij werd rijker en rijker, schatrijk werd hij:
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

Job 1:3

Hij bezat zevenduizend schapen en geiten, drieduizend kamelen, vijfhonderd span runderen, vijfhonderd ezelinnen en een groot aantal slaven en slavinnen. Hij was de aanzienlijkste man van het Oosten.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

2 Samuel 13:23

Twee jaar later nodigde Absalom alle zonen van de koning uit om bij hem in Baäl-Chasor, in de buurt van Efraïm, het schapenscheerdersfeest bij te wonen.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

Job 42:12

De HEER zegende Job in zijn latere leven nog meer dan in zijn vroegere, en zo kreeg Job veertienduizend schapen en geiten, zesduizend kamelen, duizend span runderen en duizend ezelinnen.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

1 Samuel 30:5

Ook de beide vrouwen van David waren verdwenen: Achinoam uit Jizreël en Abigaïl, de vroegere vrouw van Nabal uit Karmel.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

Psalmen 17:14

uw hand, HEER, mij verlossen van die mannen des doods, die leven voor kortstondig gewin. Ze mogen hun buik vullen met de straf die hun toekomt, ze mogen hun kinderen ermee verzadigen, hun kleinkinderen geven wat ervan overschiet.
Gerelateerd aan 1 Samuel 25:2

2 Samuel 19:32

(19:33) Hij was al heel oud, wel tachtig jaar. Hij had de koning tijdens diens verblijf in Machanaïm gastvrij onthaald; hij was een zeer vermogend man.