Gerelateerd aan 1 Kronieken 9:31

Gerelateerd aan 1 Kronieken 9:31

1 Kronieken 9:19

Sallum, die een nakomeling was van Kore, de zoon van Ebjasaf, de zoon van Korach, was samen met zijn verwanten uit de familie van Korach belast met de bewaking van de ingang van de tent, zoals hun voorouders vroeger de toegang tot het kamp van de HEER hadden bewaakt.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 9:31

1 Kronieken 9:22

In totaal waren tweehonderdtwaalf mannen, die in verschillende dorpen stonden ingeschreven, als poortwachters aangesteld. De instelling van hun ambt gaat terug op David en de ziener Samuël.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 9:31

Leviticus 6:21

(6:14) Nadat de bloem met olijfolie is vermengd, moeten er op de bakplaat broden van worden gebakken. Die broden moeten in stukken worden gebroken en als graanoffer worden aangeboden, als een geurige gave die de HEER behaagt.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 9:31

Leviticus 2:7

Voor een graanoffer dat in een kookpan wordt klaargemaakt, moeten tarwebloem en olijfolie gebruikt worden.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 9:31

Leviticus 2:5

Een graanoffer dat op de bakplaat wordt bereid, moet bestaan uit tarwebloem vermengd met olijfolie; het deeg moet ongedesemd zijn.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 9:31

1 Kronieken 9:17

De poortwachters waren Sallum, Akkub, Talmon en Achiman. (Sallum, die familie was van de drie anderen, was de belangrijkste.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 9:31

1 Kronieken 9:26

Omdat de vier leiders van de poortwachters-alle vier Levieten-ambtshalve steeds ter plaatse waren, werden zij tevens belast met het toezicht op de voorraadkamers en de schatkamers van de tempel van God.