Gerelateerd aan 1 Kronieken 8:34
Gerelateerd aan 1 Kronieken 8:34
2 Samuel 4:4
Er was ook nog een zoon van Sauls zoon Jonatan. Hij was mank. Dat was zo gekomen: Toen hij vijf jaar oud was kwam uit Jizreël het bericht over Saul en Jonatan. Zijn voedster tilde hem op om te vluchten, maar in haar haast om weg te komen liet ze hem vallen, zodat hij kreupel werd. Zijn naam was Mefiboset.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 8:34
2 Samuel 9:6
Toen hij bij David kwam, liet hij zich op zijn knieën vallen en boog diep voorover. 'Mefiboset?' vroeg David, en hij antwoordde: 'Ik ben uw dienaar, heer.'
Gerelateerd aan 1 Kronieken 8:34
2 Samuel 9:10
(10-12) U zult voor hem de grond bewerken, samen met uw zonen en knechten, en de opbrengst afdragen aan de kleinzoon van uw meester, zodat hij ervan leven kan. En Mefiboset, de kleinzoon van uw meester, is voortaan aan mijn tafel te gast.' Siba antwoordde de koning: 'Zoals u beveelt, mijn heer en koning. Het zal gebeuren.' Zo werd Mefiboset aan het hof opgenomen en behandeld als een van de koningszonen. Hij had een zoontje, dat Micha heette. Siba, die zelf vijftien zonen en twintig knechten had, was met alle leden van zijn huishouding in dienst bij Mefiboset.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 8:34
2 Samuel 19:24
(19:25) Ook Mefiboset, de kleinzoon van Saul, was de koning tegemoet gekomen. Vanaf de dag dat de koning was weggegaan tot nu, de dag waarop hij ongedeerd terugkeerde, had Mefiboset zijn voeten niet gewassen, zijn baard niet verzorgd en zijn kleren niet verschoond.