Gerelateerd aan 1 Kronieken 16:36

Gerelateerd aan 1 Kronieken 16:36

1 Koningen 8:15

zei hij: 'Geprezen zij de HEER, de God van Israël, die het niet bij woorden heeft gelaten maar zijn belofte aan mijn vader David daadwerkelijk is nagekomen. Hij heeft gezegd:
Gerelateerd aan 1 Kronieken 16:36

Nehemia 8:6

Ezra prees de HEER, de grote God, en heel het volk antwoordde 'Amen, amen, 'en ze hieven hun handen op, knielden neer en bogen diep voor de HEER.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 16:36

1 Koningen 8:56

'Geprezen zij de HEER, die zijn volk Israël rust heeft gegeven, zoals hij heeft beloofd. Niet één van de beloften die hij bij monde van zijn dienaar Mozes heeft gedaan, is onvervuld gebleven.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 16:36

Psalmen 72:18

Geprezen zij God, de HEER, de God van Israël. Hij doet wonderen, hij alleen.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 16:36

Psalmen 106:48

Geprezen zij de HEER, de God van Israël, van eeuwigheid tot eeuwigheid. Laat het hele volk antwoorden: 'Amen!' Halleluja!
Gerelateerd aan 1 Kronieken 16:36

Jeremia 28:6

‘Ja! Laat de HEER dat doen. Hopelijk laat hij jouw profetie uitkomen en brengt hij al het tempelgerei en alle ballingen uit Babylonië naar deze stad terug.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 16:36

1 Korinthe 14:16

Als u God alleen maar dankzegt met uw geest, hoe zou dan iemand die net als een buitenstaander uw klanktaal niet verstaat, uw woorden met 'amen' kunnen bevestigen? Hij begrijpt niet wat u zegt.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 16:36

Efeze 1:3

Gezegend zij de God en Vader van onze Heer Jezus Christus, die ons in de hemelsferen, in Christus, met talrijke geestelijke zegeningen heeft gezegend.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 16:36

1 Petrus 1:3

Geprezen zij de God en Vader van onze Heer Jezus Christus: in zijn grote barmhartigheid heeft hij ons opnieuw geboren doen worden door de opstanding van Jezus Christus uit de dood, waardoor wij leven in hoop.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 16:36

Deuteronomium 27:15

“Vervloekt is eenieder die een godenbeeld maakt en het op een geheime plaats bewaart; in de ogen van de HEER is het een gruwelijk maaksel van mensenhanden.” En heel het volk moet antwoorden: “Amen.”