Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
Spreuken 3:6
Denk aan hem bij alles wat je doet, dan baant hij voor jou de weg.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
1 Kronieken 14:14
Opnieuw wendde David zich tot God, en God zei: 'Ga niet op hen af. Maak een omtrekkende beweging tot bij de moerbeibomen en val hen in de rug aan.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
1 Kronieken 13:3
Ik stel voor dat wij de ark van onze God, waar we ons in de tijd van Saul niet om hebben bekommerd, hierheen halen.'
Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
1 Samuel 23:9
David wist wel dat Saul kwaad in de zin had. Daarom vroeg hij de priester Abjatar om met het priestergewaad bij hem te komen.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
1 Samuel 23:2
David raadpleegde de HEER en vroeg: 'Zal ik de strijd met deze Filistijnen aanbinden?' De HEER antwoordde: 'Ja, bind de strijd aan met de Filistijnen; je zult Keïla bevrijden.'
Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
1 Koningen 22:15
Hij ging naar de koning toe, die hem vroeg: 'Micha, zullen wij tegen Ramot in Gilead ten strijde trekken, of kunnen we er beter van afzien?' 'Trek op, 'antwoordde Micha. 'Uw veldtocht zal slagen en de HEER zal u de stad in handen geven.'
Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
Richteren 4:6
Debora liet Barak, de zoon van Abinoam, afkomstig uit Kedes in Naftali, bij zich komen en zei tegen hem: 'De HEER, de God van Israël, gebiedt u: "Trek met tienduizend man uit de stammen Naftali en Zebulon op naar de Tabor.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
1 Samuel 30:8
en David raadpleegde de HEER: 'Moet ik deze bende achtervolgen? Zal ik ze inhalen?' 'Ja, 'antwoordde de HEER. 'Achtervolg hen; je zult ze zeker inhalen en de gevangenen bevrijden.'
Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
2 Samuel 5:19
David wendde zich tot de HEER en vroeg: 'Zal ik de Filistijnen aanvallen? Zult u ze aan mij uitleveren?' De HEER antwoordde: 'Ga op hen af! Ik verzeker je dat ik de Filistijnen aan je zal uitleveren.'
Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
1 Koningen 22:6
De koning van Israël ontbood vierhonderd profeten en vroeg hun: 'Zal ik tegen Ramot in Gilead ten strijde trekken, of kan ik er beter van afzien?' 'Trek op, 'antwoordden ze. 'De Heer zal u de stad in handen geven.'
Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
2 Samuel 2:1
Enige tijd later wendde David zich tot de HEER en vroeg: 'Zal ik naar Juda gaan?' 'Goed, 'antwoordde de HEER. 'Naar welke stad zal ik gaan?' vroeg David, en de HEER antwoordde: 'Naar Hebron.'
Gerelateerd aan 1 Kronieken 14:10
2 Samuel 5:23
Opnieuw wendde David zich tot de HEER, en deze zei: 'Ga niet recht op hen af. Maak een omtrekkende beweging tot bij de moerbeibomen en val hen in de rug aan.