Gerelateerd aan 1 Kronieken 11:20

Gerelateerd aan 1 Kronieken 11:20

1 Samuel 26:6

'Wie gaat er met me mee het kamp in, naar Saul?' vroeg hij aan zijn metgezellen, de Hethiet Achimelech en Abisai, die een zoon van Seruja was en een broer van Joab. 'Ik ga mee, 'antwoordde Abisai.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 11:20

2 Samuel 20:6

Toen zei David tegen Abisai: 'Seba, de zoon van Bichri, vormt een nog grotere bedreiging voor ons dan Absalom! Abisai, neemt u dan mijn leger onder uw bevel en ga achter hem aan voordat hij onze versterkte steden voor zich wint, want dan staan wij met lege handen.'
Gerelateerd aan 1 Kronieken 11:20

1 Kronieken 2:16

hun zusters heetten Seruja en Abigaïl. Seruja had drie zonen: Absai, Joab en Asaël.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 11:20

2 Samuel 21:17

Abisai, de zoon van Seruja, kwam David te hulp. Hij sloeg de Filistijn neer en doodde hem. Daarop bezwoeren de soldaten David: 'Trek niet meer met ons ten strijde, opdat het licht van Israël niet wordt gedoofd.'
Gerelateerd aan 1 Kronieken 11:20

2 Samuel 23:18

Abisai, een broer van Joab en een zoon van Seruja, was de belangrijkste van de dertig helden. Hij doorboorde met zijn speer driehonderd mannen. Zo maakte hij naam bij het drietal.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 11:20

2 Samuel 18:2

Hij verdeelde het leger in drieën: een derde deel kwam onder bevel van Joab, een derde deel onder bevel van diens broer Abisai en een derde deel onder bevel van de Gatiet Ittai. De koning sprak tot de troepen: 'Ik zal persoonlijk met jullie ten strijde trekken.'
Gerelateerd aan 1 Kronieken 11:20

2 Samuel 2:18

De drie zonen van Seruja waren er ook: Joab, Abisai en Asaël. Asaël kon lopen als een wilde gazelle.
Gerelateerd aan 1 Kronieken 11:20

2 Samuel 3:30

Joab en zijn broer Abisai vermoordden Abner dus omdat hij hun broer Asaël in de slag bij Gibeon had gedood.