Gerelateerd aan 1 Korinthe 9:6
Gerelateerd aan 1 Korinthe 9:6
Handelingen 13:1
Er waren in de gemeente van Antiochië profeten en leraren, onder wie Barnabas, Simeon die Niger werd genoemd, Lucius de Cyreneeër, Manaën, een jeugdvriend van de tetrarch Herodes, en Saulus.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 9:6
2 Thessalonicensen 3:7
U weet zelf wat het betekent ons na te volgen. Toen we bij u waren, hebben we ons dagelijks werk niet verwaarloosd
Gerelateerd aan 1 Korinthe 9:6
Handelingen 4:36
Een van hen was Josef, een Leviet uit Cyprus, die van de apostelen de bijnaam Barnabas had gekregen, wat in onze taal ‘zoon van de vertroosting’ betekent.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 9:6
Handelingen 18:3
en omdat ze hetzelfde ambacht uitoefenden als hij-ze waren leerbewerker van beroep-trok hij bij hen in en ging bij hen werken.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 9:6
1 Thessalonicensen 2:9
U herinnert u, broeders en zusters, hoe we ons hebben ingezet en ingespannen, hoe we dag en nacht hebben gewerkt om niemand van u tot last te zijn. Op die manier hebben we u het evangelie van God verkondigd.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 9:6
Handelingen 11:22
Het nieuws over hun optreden bereikte de gemeente in Jeruzalem, waar men besloot Barnabas naar Antiochië te zenden.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 9:6
1 Korinthe 4:11
Tot op de dag van vandaag lijden we honger en dorst, hebben we nauwelijks kleren, worden we mishandeld, zijn we dakloos,
Gerelateerd aan 1 Korinthe 9:6
Handelingen 14:12
Ze noemden Barnabas Zeus en Paulus Hermes, omdat hij de woordvoerder was.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 9:6
Handelingen 20:34
u weet wel dat ik eigenhandig heb voorzien in mijn levensonderhoud en dat van mijn metgezellen.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 9:6
Handelingen 13:50
De Joden hitsten echter de vrome vrouwen uit de hogere kringen op, evenals de vooraanstaande burgers van de stad, en wisten hen zover te krijgen dat ze zich tegen Paulus en Barnabas keerden, zodat die uit het gebied werden verdreven.
Gerelateerd aan 1 Korinthe 9:6
Handelingen 15:36
Niet lang daarna zei Paulus tegen Barnabas: ‘Laten we teruggaan naar alle steden waar we het woord van de Heer hebben verkondigd, om te zien hoe het daar met de leerlingen gaat.’