Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
1 Koningen 15:18
Daarom verzamelde Asa al het goud en zilver dat in de schatkamers van de tempel en het paleis over was en stuurde enkele van zijn hovelingen ermee naar Damascus. Daar moesten ze het aan koning Benhadad van Aram, de zoon van Tabrimmon, de zoon van Chezjon, overhandigen met de woorden:
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
1 Koningen 22:31
De koning van Aram had de bevelhebbers van zijn strijdwagens, tweeëndertig man, het volgende opgedragen: 'Vecht niet met een willekeurige soldaat, maar alleen met de koning van Israël.'
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
1 Koningen 15:20
Benhadad willigde het verzoek van koning Asa in en gaf zijn bevelhebbers opdracht met hun legers tegen de steden van Israël op te rukken. Zo versloeg hij Ijjon, Dan, Abel-Bet-Maächa, heel het gebied van Kinneret en heel het land van Naftali.
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
2 Koningen 6:24
Enige tijd later riep koning Benhadad van Aram zijn leger onder de wapenen. Hij trok op en belegerde Samaria.
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
Jesaja 37:24
Bij monde van je knechten heb je de Heer gehoond. Je zei: “Mijn vele strijdwagens brachten mij tot op de hoogste bergen, tot in de verste hoeken van de Libanon. Zijn hoogste ceders velde ik, zijn machtigste cipressen. Ik drong door tot zijn hoogste toppen, tot in zijn diepste woud.
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
Jeremia 49:27
Ik zal de muren van Damascus in vlammen doen opgaan, vuur verteert de burchten van Benhadad.
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
2 Kronieken 16:2
Daarom nam Asa goud en zilver uit de schatkamers van de tempel en uit het koninklijk paleis en liet dat met de volgende woorden overhandigen aan koning Benhadad van Aram, die in Damascus zetelde:
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
Ezra 7:12
'Artaxerxes, de koning der koningen, aan de priester Ezra, groot kenner van de wet van de God van de hemel: alle goeds gewenst!
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
Exodus 14:7
Hij nam de zeshonderd beste wagens van Egypte mee, en ook alle andere, stuk voor stuk bemand met officieren.
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
2 Koningen 8:7
Op een keer kwam Elisa naar Damascus, juist toen koning Benhadad van Aram ziek was. Men vertelde de koning dat de godsman was gekomen,
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
Daniel 2:37
U, majesteit, koning der koningen, aan wie de God van de hemel het koningschap, en macht, kracht en eer heeft verleend,
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
Genesis 14:1
Toen Amrafel koning van Sinear was, Arjoch koning van Ellasar, Kedorlaomer koning van Elam en Tidal koning van Goïm,
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
1 Koningen 20:24
Wij raden u dit aan: Onthef de koningen van hun taak en stel in hun plaats gouverneurs op.
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
1 Samuel 13:5
De Filistijnen verzamelden hun troepen om tegen Israël ten strijde te trekken. Met drieduizend strijdwagens en zesduizend paarden, en voetvolk zo talrijk als zandkorrels aan de zee trokken ze op en legerden zich bij Michmas, ten oosten van Bet-Awen.
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
1 Koningen 20:16
In de middag deden ze een uitval. Benhadad en de tweeëndertig koningen die hem te hulp waren gekomen zaten nog steeds in de schaduw te drinken en waren ondertussen flink dronken geworden.
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
2 Koningen 17:5
Hij viel het land binnen, trok op tegen Samaria en belegerde de stad drie jaar lang.
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
Jesaja 10:8
Hij zegt: ‘Zijn mijn aanvoerders niet machtig als koningen?
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
Richteren 4:3
Jabin beschikte over negenhonderd ijzeren strijdwagens en heerste met harde hand over Israël, wel twintig jaar lang. Daarom riepen de Israëlieten de HEER te hulp.
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
1 Koningen 16:24
kocht hij van een zekere Semer voor twee talent zilver een berg. Hij liet er huizen op bouwen en noemde de stad die hij liet bouwen Samaria, naar Semer, de vorige bezitter van de berg.
Gerelateerd aan 1 Koningen 20:1
Ezechiel 26:7
Want dit zegt God, de HEER: Ik zal Nebukadnessar, de koning van Babylonië, de koning der koningen, naar jou, Tyrus, laten optrekken. Hij komt vanuit het noorden, met paarden, wagens en ruiters, met een groot en machtig leger.
1
2