Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Mattheüs 6:24

Niemand kan twee heren dienen: hij zal de eerste haten en de tweede liefhebben, of hij zal juist toegewijd zijn aan de ene en de andere verachten. Jullie kunnen niet God dienen én de mammon.
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Jozua 24:15

Wanneer u daar niet toe bereid bent, kies dan nu wie u wel wilt dienen: de goden van uw voorouders ten oosten van de Eufraat of de goden van de Amorieten, van wie u nu het land bewoont. In ieder geval zullen ik en mijn familie de HEER dienen.'
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

1 Korinthe 10:21

U kunt niet drinken uit de beker van de Heer en ook uit die van demonen, u kunt niet deelnemen aan de maaltijd van de Heer en ook aan die van demonen.
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

2 Korinthe 6:14

Loop niet in een en hetzelfde span met ongelovigen. Wat is de verwantschap tussen gerechtigheid en wetteloosheid? Wat heeft licht met duisternis te maken?
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

2 Koningen 17:41

De nieuwe bewoners van het land vereerden de HEER, maar dienden ook hun eigen godenbeelden. Hun kinderen en kindskinderen volgden het voorbeeld van hun ouders en leven tot op de dag van vandaag op dezelfde wijze voort.
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

1 Samuel 7:3

Ten slotte sprak Samuël het volk als volgt toe: 'Als het u werkelijk ernst is terug te keren naar de HEER, doe dan de vreemde goden zoals Astarte weg en richt u met heel uw hart naar de HEER. Dien hem alleen, dan zal hij u bevrijden uit de greep van de Filistijnen.'
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Openbaring 3:15

Ik weet wat u doet, hoe u niet koud bent en niet warm. Was u maar koud of warm!
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Zefanja 1:5

Ik zal wegvagen wie op het dak knielt voor het sterrenleger aan de hemel, wie knielt voor de HEER en trouw aan hem zweert, maar tegelijk ook aan Milkom.
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Deuteronomium 4:35

U bent er getuige van geweest opdat u zou beseffen dat de HEER de enige God is; er is geen ander naast hem.
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Psalmen 100:3

Erken het: de HEER is God, hij heeft ons gemaakt, hem behoren wij toe, zijn volk zijn wij, de kudde die hij weidt.
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

1 Koningen 18:39

Alle Israëlieten zagen het, en allen vielen op hun knieën en riepen: 'De HEER is God, de HEER is God!'
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Romeinen 6:16

Wanneer u zich als slaaf in iemands dienst stelt, weet u toch dat u hem moet gehoorzamen? Wanneer u de zonde dient, leidt dat tot de dood; wanneer u God gehoorzaamt, leidt dat tot vrijspraak.
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Genesis 24:50

Laban en Betuël antwoordden: ‘De HEER heeft dit alles zo beschikt. Hoe zouden wij er dan tegenin kunnen gaan?
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Jozua 24:23

waarop Jozua zei: 'Doe dan die vreemde goden weg en richt u volledig op de HEER, de God van Israël.'
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

1 Kronieken 17:26

U, HEER, u alleen bent God. U hebt me zo'n grootse toekomst beloofd.
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

2 Kronieken 33:13

Hij bad tot God, en God liet zich vermurwen en verhoorde zijn smeekbede. Hij liet hem terugkeren naar Jeruzalem en herstelde hem in zijn macht. Toen erkende Manasse dat de HEER God is.
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Genesis 44:16

Juda antwoordde: ‘Wat kunnen wij u hierop antwoorden, heer? Hoe kunnen we ons vrijpleiten? God heeft de misdaad van uw dienaren aan het licht gebracht. Wij zijn bereid uw slaaf te worden, mijn heer, niet alleen degene bij wie de beker is gevonden, maar wij allemaal.’
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Romeinen 3:19

Wij weten dat de wet in alles wat hij zegt alleen tot degenen spreekt die aan de wet zijn onderworpen. Maar uiteindelijk wordt ieder mens het zwijgen opgelegd en staat de hele wereld schuldig voor God.
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Lukas 6:13

Toen de dag aanbrak, riep hij de leerlingen bij zich en koos twaalf van hen uit, die hij apostelen noemde:
Gerelateerd aan 1 Koningen 18:21

Mattheüs 22:12

en hij vroeg hem: “Vriend, hoe ben je hier binnengekomen terwijl je niet eens een bruiloftskleed aanhebt?” De man wist niets te zeggen.
1
2
Volgende