Gerelateerd aan 1 Koningen 1:8

Gerelateerd aan 1 Koningen 1:8

1 Koningen 4:18

Simi, de zoon van Ela, in Benjamin,
Gerelateerd aan 1 Koningen 1:8

2 Samuel 20:25

en Seja was hofschrijver; Sadok en Abjatar waren priester,
Gerelateerd aan 1 Koningen 1:8

2 Samuel 23:8

Dit zijn de namen van Davids helden: Isboset uit Chachmon was de belangrijkste van het beroemde drietal. Hij doorboorde met zijn speer achthonderd mannen in één gevecht.
Gerelateerd aan 1 Koningen 1:8

1 Koningen 2:35

In Joabs plaats werd Benaja, de zoon van Jojada, door de koning benoemd tot opperbevelhebber van het leger; de priester Sadok was benoemd in de functie van Abjatar.
Gerelateerd aan 1 Koningen 1:8

2 Samuel 7:2

zei de koning tegen de profeet Natan: 'Kijk nu toch! Ik woon in een paleis van cederhout, terwijl de ark van God in een tent staat.'
Gerelateerd aan 1 Koningen 1:8

1 Kronieken 11:10

Hieronder volgen de belangrijkste helden van David. Zij, en trouwens heel Israël, maakten zich sterk voor zijn aanspraken op de troon en riepen hem tot koning uit, zoals de HEER met betrekking tot Israël had gezegd, en ze bleven hem ook daarna steunen.
Gerelateerd aan 1 Koningen 1:8

2 Samuel 8:17

Sadok, de zoon van Achitub, en Abjatar, de zoon van Achimelech, waren priester; Seraja was hofschrijver;
Gerelateerd aan 1 Koningen 1:8

Ezechiel 44:15

Maar de Levitische priesters, de nakomelingen van Sadok, die zorg droegen voor mijn heiligdom toen de Israëlieten zich van mij afkeerden, mogen in mijn nabijheid komen om mij te dienen; zij mogen voor mij klaarstaan om mij vet en bloed aan te bieden-spreekt God, de HEER.
Gerelateerd aan 1 Koningen 1:8

Zacharia 12:13

de nakomelingen van Levi en die van Simi,
Gerelateerd aan 1 Koningen 1:8

2 Samuel 12:1

Hij stuurde de profeet Natan naar David toe om hem het volgende te vertellen: 'Er woonden eens twee mannen in dezelfde stad, een rijke en een arme.
Gerelateerd aan 1 Koningen 1:8

1 Kronieken 27:5

Bevelhebber van de derde afdeling, voor de derde maand, was Benaja, de zoon van de hogepriester Jojada. Zijn afdeling telde vierentwintigduizend man.