Open de Bijbel

Romeinen 10:8-13
NBV 8 Maar vervolgens zegt Mozes: 'Het woord is dicht bij u, in uw mond en in uw hart' -en dat betekent: de boodschap van het geloof die wij verkondigen, is dicht bij u. 9 Als uw mond belijdt dat Jezus de Heer is en uw hart gelooft dat God hem uit de dood heeft opgewekt, zult u worden gered. 10 Als uw hart gelooft, zult u rechtvaardig worden verklaard; als uw mond belijdt, zult u worden gered. 11 Want de Schrift zegt: 'Wie in hem gelooft, komt niet bedrogen uit.' 12 En er is geen onderscheid tussen Joden en andere volken, want ze hebben allen dezelfde Heer. Hij geeft zijn rijke gaven aan allen die hem aanroepen, 13 want er staat: 'Ieder die de naam van de Heer aanroept, zal worden gered.' Deze bijbeltekst is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004.
SV 8 Maar wat zegt zij? Nabij u is het Woord, in uw mond en in uw hart. Dit is het Woord des geloofs, hetwelk wij prediken. 9 Namelijk, indien gij met uw mond zult belijden den Heere Jezus, en met uw hart geloven, dat God Hem uit de doden opgewekt heeft, zo zult gij zalig worden. 10 Want met het hart gelooft men ter rechtvaardigheid en met den mond belijdt men ter zaligheid. 11 Want de Schrift zegt: Een iegelijk, die in Hem gelooft, die zal niet beschaamd worden. 12 Want er is geen onderscheid, noch van Jood noch van Griek; want eenzelfde is Heere van allen, rijk zijnde over allen, die Hem aanroepen. 13 Want een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden.Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637
KJV 8 But what saith it? The word is nigh thee, even in thy mouth, and in thy heart: that is, the word of faith, which we preach; 9 That if thou shalt confess with thy mouth the Lord Jesus, and shalt believe in thine heart that God hath raised him from the dead, thou shalt be saved. 10 For with the heart man believeth unto righteousness; and with the mouth confession is made unto salvation. 11 For the scripture saith, Whosoever believeth on him shall not be ashamed. 12 For there is no difference between the Jew and the Greek: for the same Lord over all is rich unto all that call upon him. 13 For whosoever shall call upon the name of the Lord shall be saved.Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de King James Version