Open de Bijbel

Psalmen 44:10-17
NBV 10 (44:11) u deed ons wijken voor onze belagers, onze haters roofden ons leeg. 11 (44:12) U hebt ons als slachtvee uitgeleverd, ons onder vreemde volken verstrooid, 12 (44:13) u hebt uw volk van de hand gedaan, veel bracht de verkoop u niet op. 13 (44:14) U hebt ons het mikpunt van spot gemaakt, onze naburen smaden en honen ons, 14 (44:15) u hebt ons bij de volken belachelijk gemaakt, ze schudden meewarig het hoofd. 15 (44:16) Heel de dag moet ik mijn schande dragen, het schaamrood bedekt mijn gezicht 16 (44:17) als ik de vijand hoor spotten en sarren, hem vol wraakzucht zie staan. 17 (44:18) Dit is ons overkomen, maar wij zijn u niet vergeten, uw verbond verloochenden wij niet, Deze bijbeltekst is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004.
SV 10 Maar nu hebt Gij ons verstoten en te schande gemaakt, dewijl Gij met onze krijgsheiren niet uittrekt. 11 Gij doet ons achterwaarts keren van den wederpartijder; en onze haters beroven ons voor zich. 12 Gij geeft ons over als schapen ter spijze, en Gij verstrooit ons onder de heidenen. 13 Gij verkoopt Uw volk om geen waardij; en Gij verhoogt hun prijs niet. 14 Gij stelt ons onze naburen tot smaad, tot spot en schimp dengenen, die rondom ons zijn. 15 Gij stelt ons tot een spreekwoord onder de heidenen, tot een hoofdschudding onder de volken. 16 Mijn schande is den gansen dag voor mij, en de schaamte mijns aangezichts bedekt mij; 17 Om de stem des honers en des lasteraars, vanwege den vijand en den wraakgierige.Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637
KJV 10 Thou makest us to turn back from the enemy: and they which hate us spoil for themselves. 11 Thou hast given us like sheep appointed for meat; and hast scattered us among the heathen. 12 Thou sellest thy people for nought, and dost not increase thy wealth by their price. 13 Thou makest us a reproach to our neighbours, a scorn and a derision to them that are round about us. 14 Thou makest us a byword among the heathen, a shaking of the head among the people. 15 My confusion is continually before me, and the shame of my face hath covered me, 16 For the voice of him that reproacheth and blasphemeth; by reason of the enemy and avenger. 17 All this is come upon us; yet have we not forgotten thee, neither have we dealt falsely in thy covenant.Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de King James Version