Gerelateerd aan Johannes 19:26-27

Gerelateerd aan Johannes 19:26

Johannes 13:23

Een van hen, de leerling van wie Jezus veel hield, lag naast hem aan tafel aan,
Gerelateerd aan Johannes 19:26

Johannes 2:4

‘Wat wilt u van me?’ zei Jezus. ‘Mijn tijd is nog niet gekomen.’
Gerelateerd aan Johannes 19:26

Johannes 20:2

Ze liep snel terug naar Simon Petrus en de andere leerling, van wie Jezus veel hield, en zei: ‘Ze hebben de Heer uit het graf weggehaald en we weten niet waar ze hem nu neergelegd hebben.’
Gerelateerd aan Johannes 19:26

Johannes 21:7

De leerling van wie Jezus hield zei tegen Petrus: ‘Het is de Heer!’ Zodra Simon Petrus dat hoorde, schortte hij zijn bovenkleed op-meer had hij niet aan-en sprong in het water.
Gerelateerd aan Johannes 19:26

Johannes 21:20

Toen Petrus zich omdraaide zag hij dat de leerling van wie Jezus hield hen volgde-de leerling die zich tijdens de maaltijd naar Jezus toegebogen had om te vragen wie het was die hem zou verraden.
Gerelateerd aan Johannes 19:26

Johannes 21:24

Het is deze leerling die over dit alles getuigenis aflegt, en het ook heeft opgeschreven. Wij weten dat zijn getuigenis betrouwbaar is.
Gerelateerd aan Johannes 19:27

Johannes 16:32

Er komt een tijd, en die tijd is er al, dat jullie uiteengedreven worden, dat ieder zijn eigen weg gaat en mij alleen achterlaat. Maar ik ben niet alleen, want de Vader is bij mij.
Gerelateerd aan Johannes 19:27

Johannes 1:11

Hij kwam naar wat van hem was, maar wie van hem waren hebben hem niet ontvangen.
Gerelateerd aan Johannes 19:27

Mattheüs 12:48

Hij antwoordde: ‘Wie is mijn moeder en wie zijn mijn broers?’
Gerelateerd aan Johannes 19:27

1 Timotheüs 5:2

oude vrouwen als moeders en jonge vrouwen als zusters-en dit in alle zuiverheid.
Gerelateerd aan Johannes 19:27

1 Johannes 3:18

Kinderen, we moeten niet liefhebben met de mond, met woorden, maar waarachtig, met daden.
Gerelateerd aan Johannes 19:27

Mattheüs 25:40

En de koning zal hun antwoorden: “Ik verzeker jullie: alles wat jullie gedaan hebben voor een van de onaanzienlijksten van mijn broeders of zusters, dat hebben jullie voor mij gedaan.”
Gerelateerd aan Johannes 19:27

Genesis 45:8

Niet jullie hebben mij dus hierheen gestuurd maar God; door hem ben ik de belangrijkste raadsman van de farao geworden, de bestuurder van zijn hele hof en heerser over heel Egypte.
Gerelateerd aan Johannes 19:27

Markus 3:34

Hij keek de mensen aan die in een kring om hem heen zaten en zei: ‘Jullie zijn mijn moeder en mijn broers.
Gerelateerd aan Johannes 19:27

Genesis 47:12

Hij voorzag zijn vader en zijn broers en heel zijn verdere familie van voedsel, zoveel als zij en hun kinderen maar nodig hadden.