Gerelateerd aan Genesis 1:26-31

Gerelateerd aan Genesis 1:26

Kolossensen 3:10

en de nieuwe mens hebt aangetrokken, die steeds vernieuwd wordt naar het beeld van zijn schepper en zo tot inzicht komt.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Efeze 4:24

en dat u de nieuwe mens moet aantrekken, die naar Gods wil geschapen is in waarachtige rechtvaardigheid en heiligheid.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Genesis 3:22

Toen dacht God, de HEER: Nu is de mens aan ons gelijk geworden, nu heeft hij kennis van goed en kwaad. Nu wil ik voorkomen dat hij ook vruchten van de levensboom plukt, want als hij die zou eten, zou hij eeuwig leven.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Psalmen 8:4

(8:5) wat is dan de sterveling dat u aan hem denkt, het mensenkind dat u naar hem omziet?
Gerelateerd aan Genesis 1:26

2 Korinthe 3:18

Wij allen die met onbedekt gezicht de luister van de Heer aanschouwen, zullen meer en meer door de Geest van de Heer naar de luister van dat beeld worden veranderd.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Psalmen 100:3

Erken het: de HEER is God, hij heeft ons gemaakt, hem behoren wij toe, zijn volk zijn wij, de kudde die hij weidt.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Genesis 9:2

De dieren die in het wild leven, de vogels van de hemel, de dieren die op de aardbodem rondkruipen en de vissen van de zee zullen ontzag en angst voor jullie voelen-ze zijn in jullie macht.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Jakobus 3:9

Met onze tong zegenen we onze Heer en Vader, en we vervloeken er mensen mee die God heeft geschapen als zijn evenbeeld.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Genesis 5:1

Dit is de lijst van Adams nakomelingen. Toen God Adam schiep, de mens, maakte hij hem zo dat hij leek op God.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Kolossensen 1:15

Beeld van God, de onzichtbare, is hij, eerstgeborene van heel de schepping:
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Jesaja 64:8

Laat uw grote toorn toch varen, HEER, houd onze schuld niet steeds in gedachten, maar zie ons aan: wij zijn toch uw volk?
Gerelateerd aan Genesis 1:26

1 Korinthe 11:7

Een man mag zijn hoofd niet bedekken omdat hij Gods beeld en luister is. De vrouw is echter de luister van de man.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Hebreeën 2:6

Veeleer geldt dit getuigenis, ooit door iemand afgelegd: ‘Wat is de mens dat u aan hem denkt, het mensenkind dat u naar hem omziet?
Gerelateerd aan Genesis 1:26

2 Korinthe 4:4

de ongelovigen, van wie de gedachten door de god van deze wereld zijn verblind, waardoor ze het licht van het evangelie niet kunnen zien, de luister van Christus, die het beeld van God is.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Genesis 9:6

Wie bloed van mensen vergiet, diens bloed wordt door mensen vergoten, want God heeft de mens als zijn evenbeeld gemaakt.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Johannes 14:23

Jezus antwoordde: ‘Wanneer iemand mij liefheeft zal hij zich houden aan wat ik zeg, mijn Vader zal hem liefhebben en mijn Vader en ik zullen bij hem komen en bij hem wonen.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

1 Johannes 5:7

Er zijn dus drie getuigen:
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Prediker 7:29

Alles wat ik vond is dit: de mens is een eenvoudig schepsel. Zo is hij door God gemaakt, maar hij heeft talloze gedachtespinsels.
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Handelingen 17:28

Want in hem leven wij, bewegen wij en zijn wij. Of, zoals ook enkele van uw eigen dichters hebben gezegd: “Uit hem komen ook wij voort.”
Gerelateerd aan Genesis 1:26

Psalmen 104:20

Als u het duister spreidt, valt de nacht, en alles wat leeft in het woud gaat zich roeren.
1
2
3
4
5
6
Volgende