Deuteronomium 14:1

NBV

1Omdat u kinderen van de HEER, uw God, bent is het u niet geoorloofd als teken van rouw uw lichaam te kerven of het haar op uw voorhoofd weg te scheren.

SV

1Gijlieden zijt kinderen des HEEREN, uws Gods; gij zult uzelven niet snijden, noch kaalheid maken tussen uw ogen, over een dode.

KJV

1Ye are the children of the LORD your God: ye shall not cut yourselves, nor make any baldness between your eyes for the dead.